Is poëzie nodig in het onderwijs?

Over die vraag heb ik de voorbije dagen en in het bijzonder op vrijdag veel nagedacht. Ik mocht namelijk uitleg en voorbeelden geven bij de bundel poëzielessen voor het basisonderwijs waaraan ik meewerkte in het kader van Poëzieweek 2017.

(Iedereen Leest, Canon Cultuurcel en het Poëziecentrum organiseerden op 13/1 in de aanloop naar Poëzieweek 2017 een studiedag voor leraren en bibliotheekmedewerkers in ’t Arsenaal in Mechelen.)

Om die vraag te beantwoorden, wil ik ze even in een breder perspectief plaatsen: is poëzie belangrijk in het leven? Want als poëzie belangrijk is in het leven, dan verdient ze, denk ik toch, een plaats in het onderwijs.

Volgens mij zijn er heel veel redenen waarom poëzie zin-vol is en het leven beter maakt. Ik ga ze hier niet allemaal proberen op te noemen. Dat zou me niet lukken, maar ik geef jullie er graag vijf:

  1. “Si le monde était clair, l’art ne serait pas”, schreef Albert Camus in 1942 in Le mythe de Sisyphe. Kunst is volgens Camus een reflectie van de mens op de wereld die niet duidelijk is. Die reflectie is echter geen letterlijke weerspiegeling, geen nabootsing. “Art only begins where imitation ends”, stelde Oscar Wilde. Kunst doet ons nadenken over de werkelijkheid in al zijn complexiteit, over het mysterie van het leven.
    Zo ook poëzie als vorm van kunst. De Britse professor Richard Hoggart betoogde dat literatuur zo waardevol is ‘omdat zij de zin van het menselijk bestaan – op een bijzondere manier – onderzoekt en vorm geeft; omdat literatuur de verscheidenheid, de complexiteit en de vreemdheid van ons bestaan laat zien. ‘Want in literatuur’, zo voegde hij daaraan toe, ‘kijken we naar het leven met alle kwetsbaarheid, eerlijkheid en scherpzinnigheid waarover we beschikken, tenminste als we met aandacht lezen.’
  2. “Het doel van de kunst is niet het uiterlijk van dingen weer te geven, maar het innerlijk… dat is de echte werkelijkheid.” (Aristoteles) Kunst en poëzie gaan naar de diepte, naar wat ver onder het oppervlak zit. Poëzie is een uitstekend middel tegen oppervlakkigheid. Het gaat in tegen de illusie dat alles eenduidig is en dat kan of moet opgelost worden. Poëzie helpt ons te denken op een andere, creatieve manier, helpt ons anders naar de dingen te kijken.
  3. Mensen grijpen vaak naar poëzie op bijzondere momenten in het leven: bij een geboorte, een overlijden, huwelijk, liefdesverdriet, enz. Er gaat vaak een enorm troostende kracht uit van poëzie. Herman de Coninck verwoordde de helende werking van poëzie treffend in dit gedicht:

    Poëzie
    Zoals je tegen een ziek dochtertje zegt:
    mijn miniatuurmensje, mijn zelfgemaakt
    verdrietje, en het helpt niet;
    zoals je een hand op haar hete voorhoofdje
    legt, zo dun als sneeuw gaat liggen,
    en het helpt niet:
    zo helpt poëzie.

  4. “Poëzie schrijven is schilderen met woorden” zei de fantastische Nederlandse dichteres Bette Westera vrijdag in haar openingsrede als centrale gast op die Studiedag Poëzieweek in Mechelen. Kunst en dus ook poëzie geven ons beelden om mee te denken. Uit onderzoek blijkt dat poëzie de verbeeldingskracht en het creatieve denken van kinderen versterkt. Wanneer de begeleiding goed is, zou het werken met metaforen in poëzie kinderen ondersteunen in hun intellectuele, emotionele en creatieve ontwikkeling. Door verhalen en gedichten te schrijven ontwikkelen kinderen bovendien manieren om in symbolen te denken en om abstract te denken – dat hebben ze o.a. nodig bij rekenen.
  5. Mijn laatste argument is dat poëzie de emotionele intelligentie bevordert. Het gebruik van metaforen is belangrijk bij het uitwisselen van gedachten en gevoelens. Daarnaast stimuleert poëzie ons om dubbelzinnigheden in taal te herkennen. Het inzicht en besef dat er vaak meerdere interpretaties mogelijk zijn, helpt om begrip op te brengen voor standpunten van anderen.

Deze vijf argumenten zijn voor mij al ruim voldoende om te stellen dat poëzie belangrijk is in het leven en een vaste plaats verdient in het onderwijs. Het is bovendien mooi meegenomen dat je van poëzie ook intens kan genieten.

Poëzie op school is meer dan af en toe eens een gedicht (laten) voordragen in de klas en is te belangrijk om alleen maar aan bod te laten komen als er wat tijd over is.

Als poëzie en poëziebeleving op een regelmatige en doordachte manier aan bod komen, heeft dat een positieve invloed op de leer- en ontwikkelingsprocessen van de leerlingen en de vorming van hun persoonlijkheid.

Nieuwjaarswensen

Kerst en Nieuwjaar hebben we gehad, maar het feesten is nog niet gedaan. De komende dagen en weken volgen er nog een hele resem nieuwjaarsetentjes, nieuwjaarsdrinks, nieuwjaarsbrieven en nieuwjaarswensen met de bijbehorende nieuwjaarszoenen.

Mensen wensen elkaar allerlei mooie dingen toe. Dingen, zeg ik, maar in vele gevallen gaat het niet om dingen: een goede gezondheid, geluk, liefde, creativiteit, inspiratie, voldoening, succes, een nieuwe job, mooie momenten om nog lang te koesteren … En ook ik wens je graag toe dat het je goed gaat in 2017 én dat de hele wereld er beter op wordt.

In 1994 zond een 12-jarig meisje, Kim Muyldermans, een gedicht in voor de poëziewedstrijd van Jeugd en Poëzie vzw Soetendaelle Merchtem:

Een zee van lichtjes

Mensen vieren een festijn

Elders:

duizenden gezichtjes

die ook gelukkig willen zijn.

Het gedicht is 23 jaar oud, maar klinkt heel actueel. Ik ken Kim Muyldermans niet en weet niet precies wat haar inspiratie was voor dit gedicht. Toch kan ik me er meteen iets bij voorstellen en heeft het een sterk appellerend effect op me. Laat dat nu net zo kenmerkend zijn voor poëzie: vanuit iets anekdotisch ontstaat door verdichting iets wat voor interpretatie vatbaar is en waardoor we ons aangesproken voelen.

Het gedicht geeft me ook enigszins een ongemakkelijk gevoel: ik word er niet graag mee geconfronteerd dat niet iedereen gezellig kan feesten en samenzijn met geliefden. Hoewel de tekst op zich geen verwijtende toon heeft, zou ik er bijna een schuldgevoel van krijgen – zou Kim dat gewild hebben? Bijna een schuldgevoel, want ik kan het nog net op tijd ontwijken. Er is immers niets mis met feesten en we hoeven er ook helemaal niet mee op te houden. Integendeel: diegenen die het niet kunnen, verlangen er ook naar. En ik gun het hen ook zo hard!

Dus eet, drink, feest en zoen nog goed deze maand en betrek er zoveel mogelijk mensen bij. Laten we in 2017 kansen en mogelijkheden zoeken om zoveel mogelijk mensen gezellig en veilig te laten samenzijn!

Dag Benjamin, Hallo Tinneke!

Ik denk dat iedereen het met ons eens is dat we 2016 konden afsluiten met een fantastische blogger. Dankjewel Benjamin voor je eerlijkheid, je zottigheid, de inkijkjes in je leven en je prachtige werk.

2017 brengt ons Tinneke van Bergen, docente op de Artevelde Hogeschool en jeugdliteratuur aficionado. Welkom Tinneke, we hopen dat je je hier gaat thuisvoelen.

En voor alle lezers: een heel mooi jaar gewenst, vol mooie boeken!

 

Zwaaien met die handjes

De laatste. Het is goed dat dingen een begin en een eind hebben. Dat houdt het overzichtelijk. En normaal gezien staat u nu wie u lief heeft gelukkig nieuwjaar te kussen. Dat is ook goed. En nog veel belangrijker.

Kent u ‘De Vijf P’s’? Ze zijn bedacht door theatermaakster Dora Van der Groen. Ze zei dat alle goede theaterstukken – en bij uitbreiding alle goede verhalen – die vijf P’s bevatten: Plezier, Pijn, Perversiteit, Persoonlijkheid en Poëzie. Ze zitten in mijn achterhoofd als ik aan een boek werk. Ze zaten in mijn achterhoofd toen ik deze blog schreef. En volgens mij is er van alles wat in de blog terecht gekomen, dus het is een mooi moment om af te ronden.

Ik heb geprobeerd om u een inkijk te geven. Ik heb ervan genoten dat dat kon. Veel gedachten blijven immers in je hoofd dwarrelen en raken er niet uit als je illustrator bent en alleen boven je tekentafel hangt. Ik merkte dat u er iets mee kon, door de vele reacties, mails en berichten, en dat was heel fijn. Bedankt Iedereen Leest, voor het podium.

Tot een volgende keer… Wie weet, over nog eens acht jaar? Benieuwd hoe ik er dan weer voor sta. Wat me dan bezig houdt. En of u dan weer even aandachtig meekijkt. Ik wil u daar graag voor bedanken. Van Harte Bedankt Dus!

Wie kan het oude jaar beter uitzwaaien dan Benny B? Met de hit waarvan de melodie u niet onbekend is en waarmee hij zijn legendarische concerten doorgaans afsluit.

Mijn beste wensen voor 2017, dat het het jaar mag worden waarvan u droomt!

Hartelijke groeten,
Benjamin.

PS: heet van de naald: ‘Suzie Ruzie en het schaartje’ als enige kinderboek op de Longlist van de Cutting Edge Awards! De shortlist wordt binnenkort bekend gemaakt. Hou ‘m in de gaten, want u kan dan stemmen.

Mensenmensenmensen

TikTak… Het is bijna tijd. Mijn zoon van vier loopt al de hele week flarden nieuwjaarsbrief te citeren. De feestplannen zijn gemaakt. En dus is mijn blogmaand bijna om. Eens kijken welk ei ik zeker nog wil leggen…

Eigenlijk is het geen keuze. Ik moét wel even terugblikken op hét tekenmoment van 2016 (samen met het verschijnen van Suzie Ruzie natuurlijk!). ‘Ons’ gastlandschap (Vlaanderen en Nederland) op de Frankfurter Büchmesse.

Het was nota bene tijdens die dagen bij Jaap, waar ik het in mijn laatste blogbericht over had, dat ik dat totaal onverwachte telefoontje kreeg: of ik zin had om deel uit te maken van de groep auteurs tijdens het gastlandschap? Of Ik Zin Had? Dat klonk een beetje als vragen aan een voetballer of hij zin heeft om mee te spelen in een WK-wedstrijd! Of ik goed Duits sprak? ‘Nee’, zei ik, ‘maar ik kan wel héél goed Duits tekenen’. Dat volstond blijkbaar. Het voelde als een grote prijs winnen. Dat was het ook, als ik erop terugkijk. Dat gevoel was geleden van toen ik op mijn 8ste de Zon & Zee Playmobil Kleurwedstrijd Westende won, en blinkend van trots met een doosje Indiaan Te Paard Met Wigwam ons vakantie-appartement binnen liep.

Donderdag 20 oktober. Het is zover. Ik sta in Brussel-Noord te wachten op de ICE-trein richting Frankfurt. Ik heb de afgelopen maanden zoveel mogelijk Duits gelezen, vaak Google translate bij de hand. Nooit Duits gehad in het middelbaar. Houten kop want: niet geslapen (zie Blog #5). En het hele circus moet nog beginnen! Wanneer leer ik het ook eens, niet alles in de hand te willen hebben en gewoon mee te gaan op de golven van wat komt? De golven. Toepasselijk, voor dat mooie Noordzee-thema dat Bart Moeyaert als kapstok bedacht.

161018-1200-presserundgang-guest-of-honour-pavillion-9717_29797858293_o

 

Die avond wordt er gefeest in Frankfurt. Gefeest om het gastlandschap, in Mousonturm, een gebouw dat qua opzet een beetje doet denken aan de Vooruit in Gent. Een pand met een industrieel verleden dat werd omgetoverd tot kunsttempel, en nu dienst doet als Gastland-Heimat. Het voelt een beetje ‘onchronologisch’, te staan feesten voor het échte werk begint. Maar kijk, een paar goede plaatjes, een pint, fijn volk en de firma Leroy staat alweer te dansen. Natuurlijk wordt het te laat. En natuurlijk sla ik nog eens zo goed als een nacht over. Yolo en zo vanal.

Feest!

 

Ik mocht die namiddag al een glimp opvangen van Het Ding dat de maanden daarvoor uitgebreid toegelicht werd aan de hand van 3D beelden. Maar uiteindelijk voel je het toch pas als je er middenin staat. De Stand van ‘ons’ gastlandschap. Rinkelende Hollandse klinkers onder de voeten. 2000 peperdure vierkante meters waarvan het grootste gedeelte gevuld is met… leegte. De leegte en rust van het strand. ‘Lied van de zee’ begint automatisch in mijn hoofd te spelen. Een weids zeezicht, geprojecteerd op doek.

De stand

 

Elke normaal mens zou die ruimte optimaal benut willen zien, volgepropt met al het moois en interessants dat ons taalgebied te bieden heeft. Want zo’n dure ruimte moét renderen. Om vervolgens te zien dat de toeschouwer al na twee vierkante meter platgeslagen afdruipt. Het is goed dat Niet Normale Mensen zo’n stand bedenken. Want ze denken een paar stappen vooruit. Mét inlevingsvermogen in De Beursganger die na de beursdrukte op zo’n gastlandstand terecht komt. Na wat rondslenteren, turen naar de golven en even tot rust komen, raakt hij geïntrigeerd. Er is meer aan de hand dan alleen maar leegte, merkt hij op.

Les auteurs

 

Op vrijdag 21 oktober en zondag 23 oktober mocht ik meewerken in het Atelier, onderdeel van de Gastlandstand. Daar werd elke dag door 4 à 5 tekenaars én een hele ploeg aan Parade gewerkt, een tijdschrift dat aan het einde van de dag in een oplage van 500 stuks werd uitgedeeld. Het was er een drukte van jewelste. Randall Caesar en Joost Swarte die – ik had met hen te doen – het handeltje coördineerden, altijd dummies in de hand, altijd op zoek naar nog een passende tekening voor de editie van de dag, niet zelden onder lichte stress omwille van het al dan niet halen van de deadline, waardoor ze zelf amper aan tekenen toekwamen. Gert Jan Pos, telkens bezorgd ‘of we wel ok waren’. Wasco, de man die Het Machien – de Risoprinter die regelmatig om aandacht vroeg – bediende en onafgebroken liep te sjouwen met inktpatronen, papier en rollen. Ruben Steeman, Jeroen Funke, Charlotte Dumortier en Anne Stalinski die de ploeg aanvulden met assistentie op alle mogelijke vlakken en, niet onbelangrijk, een flinke portie gezelligheid en humor.

Man at work

 

Daar mag je dan, met je verwende uitverkoren illustratorengat tussen plaatsnemen en je gangetje gaan. Of ik daar zin in had? Ik ben een mensenmens, ik voel me goed tussen mensen, haal daar energie uit, vooral als het zo’n fijn clubje is. En zeker als ik in zo’n fijn clubje lekker mijn ding kan doen. Ik kan moeilijk zeggen of het goed was wat ik daar deed, maar ik kan je vertellen: mijn potlood raasde over het papier.

Dierentuin

 

En ondertussen kijk je je ogen uit, met een gezonde portie jaloezie. Want als tekenaar wil je altijd nét datgene wat die andere tekenaar heeft. Hoe Simon Spruyt in no time, met een paar penseelstreken een herkenbare Géricault neerzet. De straffe figuren van Gerda Dendooven. De kwetsbaarheid van Ingrid Godons lijnen. De gezelligheid van Charlotte Dumortiers personages. Het enthousiasme en de spontaniteit van Judith Vanistendael. Het geduld van Carll Cneut. De poëzie van Randall. De strakheid van Joost Swarte. Enzoverder. Enzovoort.

(Oei, hebt u het al in de mot? Deze post wordt lang)

Het aanzuigeffect van dat Atelier. En ik maar tekenen tekenen tekenen, af en toe op de schouder getikt door een bekende passant. Maar verder helemaal in een cocon, niets merkend van de ruis op de achtergrond. Heerlijk. De rij bezoekers die steeds langer werd naarmate de wijzers 17u naderden, om een editie van Parade te bemachtigen. Het gerucht verspreidde zich, de rij werd elke dag langer, om te eindigen als een stilstaande, ongedurige polonaise, zigzaggend over de hele stand.

Wat ambiance betreft het hoogtepunt: onze Graphic Novel Battles tegen een Duitse tekenaarsploeg, eerst in het Theater, daarna in de Duitse hal. Het concept was eenvoudig: het publiek geeft een onderwerp, de twee tekenaarsploegen bedenken daar een beeld bij. Het moet gezegd: onze Duitse vrienden waren erg vakkundige en sympathieke tekenaars. Maar dàt moet ook gezegd: ze hadden geen rekening gehouden met ons talent voor absurdisme, waardoor het geheel ontaardde in een wilde tekenperformance, inclusief 3D Ninjakostuum, Herr Seele in onderbroek, Nix met volgetattoeëerd bovenlijf, spuwende lama’s en pikante Saxofoonporno. NederVlaanderen – Duitsland: 2 – 0. Moesten de Rode Duivels die cijfers op het bord krijgen, we zouden euforisch zijn.

161022-1200-guest-of-honour-pavilion-theatre_meet-the-makers-graphic-novel-battle-herr-seele-nix-joost-swarte-benjamin-leroy-photos-1408_30507082965_o

 

161022-1200-guest-of-honour-pavilion-theatre_meet-the-makers-graphic-novel-battle-herr-seele-nix-joost-swarte-benjamin-leroy-photos-1389_30470547936_o

 

Het gastlandschap op de Frankfurter Buchmesse 2016, we had a blast! En ik vergeet nog zoveel: de amusant-spontane presentatie over Suzie Ruzie die ik met Jaap gaf in het Theater – De ontdekking van de literaire Virtual Reality – De Happy Hours in het paviljoen… Het was in een vingerknip voorbij.

Hoe voelt het, om je passie twee jaar aan de kant te schuiven? Om twee jaar lang dat knopje Frankfurt niet uit te kunnen zetten? Om vervolgens een gebald, knallend vuurwerk te geven en een flits later al te zien hoe de lonten nasmeulen? Ik kan het niet inschatten. Ik kan alleen maar vanaf dit balkon naar jou wuiven, Bart, in grote bogen, met mijn hoed in de hand. En naar die hele ploeg (Judith, Ine, Bas, de fondsen,…) die je op de been bracht. Want wat een fijne mensen daar.

En weet je wat? Een paar maanden later is – ondanks alle prestige, de chique inkleding, mensen met aanzien – dit wat me het meest bijblijft: de dansende mensen, de onverwachte samenwerkingen met Judith (die guitige lach!), Mattias, Charlotte,… De vriendelijkheid van Joost, de grapjes van Jeroen, de energie van de Battles, het gesprek met Merel, Randall en Charlotte in de trein op de terugweg… Ik weet het, ik heb het al eens gezegd, van ‘Wat je ook bereikt in je leven,…’. Maar het is op zoveel van toepassing. Mensenmensenmensen.

En het spijt me, als u een auteur bent die niét op Het Lijstje stond. Ik begrijp het, als u enige vorm van jaloezie voelt opborrelen. Ik hoop dat u me mijn enthousiasme niet kwalijk neemt. Het is net als met werkbeurzen en prijzen: een samenloop van omstandigheden, het juiste moment, een tikje geluk, de juiste man of vrouw op de juiste plek. Ik wens het u toe, dat het u vroeg of laat ook mag overkomen. Tijdens het volgende gastlandschap, over 25 jaar misschien. Dan ben ik immers al lang uitgerangeerd en zit ik voor de zoveelste keer te zeuren tegen mijn zoon over dat Ene Magische Jaar 2016, toen ik één van de uitverkorenen voor Frankfurt was. En dat ik er zo graag nog eens bij was geweest. ‘Ja Pa, dat verhaal heb ik al honderd keer gehoord’, zegt Rien dan, en we gaan een eindje wandelen.

Overdracht

 

14753679_1792668267687506_9100718972364665005_o_30433828151_o