Een interview met Salla Simukka

Een tijdje geleden was Salla Simukka, schrijfster van de ondertussen bekende ‘Snow White trilogie’, in ons land. Haar boeken doen het erg goed en vorig jaar kochten ook Amerika en Engeland de rechten. Momenteel wordt het boek in 47 landen uitgegeven. Ik had het geluk deze Finse schrijfster te kunnen strikken voor een kort interview.

***

Q: Je bent zelf niet enkel schrijfster, maar ook vertaalster van boeken, dus jij weet waarschijnlijk als de beste hoe een taal een boek kan beïnvloeden. Welke aspecten in jouw boek vormen eventuele hindernissen voor een vertaler – misschien omdat ze typisch Fins zijn of omwille van een andere reden?

Omdat twee van de drie boeken zich afspelen in Finland en het hoofdpersonage, Lumikki Andersson, Fins is, beïnvloedt de Finse cultuur uiteraard het verhaal. Er zijn bepaalde dingen die erg gewoon zijn in Finland, maar onbekend in andere landen. En natuurlijk woordgrapjes en dergelijke. Maar ik denk eigenlijk wel dat de boeken nog steeds relatief makkelijk om te zetten zijn naar een andere taal. Soms moet de vertaler gewoon een begrip uitleggen of een equivalent zoeken in de eigen taal en cultuur. 

Q: Heb je al de mogelijkheid gehad om één van je boeken in een andere taal te lezen (Engels of Zweeds bijvoorbeeld) en zo ja, wat vond je ervan?

Ik heb de Engelse vertaling erg grondig gelezen, omdat deze versie ook vaak gebruikt wordt als “origineel” om van te vertrekken voor andere vertalers die geen Fins kunnen. Ik vind de Engelse vertaling erg goed. De Zweedse en Duitse zijn ook geslaagd. Ik vind eigenlijk alle vertalingen die ik tot nu toe gelezen heb heel goed.

Q: De originele versie van het sprookje Sneeuwwitje was heel erg angstaanjagend. Zo staat er geschreven dat de boze stiefmoeder eigenlijk Sneeuwwitjes echte moeder is, wat het sprookje meteen grimmiger maakt. Bovendien vraagt de moeder aan de jager om de lever en longen van Sneeuwwitje terug te brengen, zodat ze deze kan opeten.

Rood als bloed is een sprookje dat ver afstaat van de Disney traditie, waar alles altijd goed komt. Het is eerder een rauw en koel verhaal dat ons wil waarschuwen voor iets, steunend op die oude sprookjestraditie. Hoe zou jij het perfecte sprookje omschrijven? Welke ingrediënten heeft een sprookje nodig om jouw aandacht te trekken?

Ik hou ontzettend veel van die oude sprookjestraditie. Ik geloof eigenlijk dat de sprookjes van toen de jeugdliteratuur van hun tijd waren. Ze behandelen dezelfde thema’s als Young Adult boeken vandaag: keuzes maken, je kracht vinden, liefde en haat, je zorgen maken, leren om je angsten te overwinnen, je ouderlijk huis verlaten en de wijde wereld intrekken. Dat laatste thema is volgens mij de reden waarom er zoveel boze stiefouders optreden in sprookjes. Persoonlijk vind ik dat de onderdelen verdriet en horror of griezelige beelden ervoor zorgen dat een sprookje pas echt aanspreekt. Sprookjes zijn donker en daar hou ik nu net zo van.

Q: Het hoofdpersonage Lumikki is in jouw boek een beetje de outsider, maar ze is absoluut geen jonkvrouw in nood, zoals in zovele sprookjes. Wat belichaamt Lumikki dat jij zou willen meegeven aan je lezers?

Ik zou willen dat lezers echt gaan nadenken over Lumikki en de keuzes die ze maakt. Ze hoeven er niet mee akkoord te gaan, maar ik zou het fijn vinden als ze de dingen ook eens door haar ogen bekeken. Lumikki is een combinatie van kracht en zwakte, iets wat we allemaal in ons hebben. Het is niet zo simpel om haar te beschrijven of een label op haar te plakken – en dat is iets dat ik de lezers ook wil meegeven. Is het echt altijd zo belangrijk om labels op alles en iedereen te plakken? Moet iedereen in een hokje passen?

Q: Veel fantastische thrillers en detectives zijn geschreven door Scandinavische schrijvers en ze spelen zich ook af in het Hoge Noorden. Hoe vitaal is Finland als setting voor jouw boeken? Zou het verhaal op een bepaalde manier veranderen indien het ergens anders zou plaatsvinden?

Finland is toch wel belangrijk voor mijn boeken en ik zou me niet kunnen voorstellen dat ze zich ergens anders zouden afspelen. De Finse winter vol kou en duisternis, de Finse zomer met het eeuwige licht, de Finse mentaliteit en de geografische situatie: het zijn allemaal belangrijke onderdelen van het verhaal. Ik schrijf graag over plekken die ik zelf ken. En wie anders kan zo vol leven schrijven over Finland dan de mensen die er wonen?

Eva naar de Boekenbeurs

Traditiegetrouw vragen we op de vooravond van de boekenbeurs een lezer naar zijn of haar verlanglijstje. Vandaag is het woord aan Eva Devos, die de liaison officer is van IBBY-Vlaanderen. In die positie maakt ze van haar hart een steen, laat ze de mooie nieuwe Vlaamse oogst even opzij liggen en focust ze op het moois dat uit het buitenland komt.

*

Stel! Stel dat ik een ongelimiteerd budget had. Of toch ongelimiteerder dan het in werkelijkheid is. Ik zou op elke reis een extra koffer kopen en die vullen met ter plaatse gekochte boeken. Maar beperkt door hefkracht en centen moet ik mezelf altijd troosten met proevertjes van de lokale kinderboekencultuur – hoeveel pijn dat ook doet, in Bologna, de UK of Mexico.

Ik ben dan ook altijd dolblij als Vlaamse of Nederlandse uitgevers ruimte maken in hun fonds voor bijzonders van over de grenzen. Want hoeveel moois er van ‘onze mensen’ ook verschijnt, vertalingen zijn een belangrijk deel van onze boekproductie – een gegeven waar buitenlandse jeugdliteratuurspecialisten soms met jaloezie naar kijken. Voor uitgevers die op zoek zijn naar inspiratie: hier vinden jullie onze onvertaalde favorieten.

De relatief nieuwe Vlaams-Nieuw Zeelandse uitgeverij Book Island heeft een oog voor bijzondere dingen. Twee boeken verschijnen er van hen dit najaar, en beide staan ze op mijn verlanglijstje.

Nooit meer bang (L’ombre de chacun) van Mélanie Rutten kreeg dit jaar een eervolle vermelding bij de Bologna Ragazzi Awards. Het boek, oorspronkelijk in Frankrijk uitgegeven, werd gemaakt door de Brusselse illustratrice die dringend ontdekt moet worden in Vlaanderen.

Op de laatste boekenbeurs ontdekte ik op de stand van de wonderschone Portugese uitgever Planeta Tangerina Olhe, por favor, não viu uma luzinha a piscar? van Bernardo Carvalho. Het ging met me mee naar huis (eerlijk gekocht, voor alle duidelijkheid!). Dit najaar verscheen de Nederlandstalige uitgave Heeft u soms een knipperlichtje gezien, dus die wordt geheid een kerstcadeautje.

Een ander boek dat op de kerstcadeaulijst moet (willen of niet, ik solfer iedereen op met boeken) is Een planeet in je hoofd van Sally Gardner. Ik hoorde de Engelse uitgeefster er ruim een jaar geleden over praten en werd nieuwsgierig. Deze zomer in Cornwall maakte een boekverkoper me helemaal warm voor het boek en het was inderdaad een topper. Mooi dat Moon het nu ook in het Nederlands uitgeeft!

Eva_interview1

Toen de Argentijnse illustrator Isol de Astrid Lindgren Memorial Award won, was er nog niets van haar verschenen in het Nederlands. Sindsdien timmert De Harmonie gestaag aan de Isol-weg; afgelopen jaar verscheen Mijn moeder is een stekelvarken. Het kan wat mij betreft niet op tegen haar Nocturno, maar het is wel een geestig prentenboekje dat prima past in het thema van de komende Jeugdboekenweek.

Twee non-fictie toppers moeten ook op mijn lijst. Clavis publiceerde een nieuw boek van de Tsjechisch-Amerikaanse Hans Christian Andersen Award winnaar Peter Sís: De piloot en de kleine prins. Het is de biografie van Antoine de Saint-Exupéry, piloot en auteur van De kleine prins. Heel knap hoe Sís een levensverhaal kan vertellen en boeiend houden voor een jong publiek. De tekeningen zijn magistraal, maar Sís kan helaas beter illustreren dan schrijven. Dat neemt niet weg dat het een boek is dat ik wil hebben hebben hebben.

In dezelfde categorie hoort ook Lindbergh: het grote avontuur van een vliegende muis thuis. Er is al veel geschreven over het debuut van Duitser Torben Kuhlmann, dus ik hou het kort – indrukwekkende illustraties die het verhaal overvleugelen. Maar dus wel prachtig.

Eva_interview2

Ik nam me voor om uit elk taalgebied maar één titel te noemen. Dat zorgde voor hartverscheurende keuzes, want nu kan ik u niets over de nieuwe van Rebecca Dautremer vertellen, of over dat woordenloze prentenboek van Severin Millet, of dat er eindelijk eindelijk vertalingen zijn van Het donker en van Eleanor & Park die ik dringend moet ontdekken.

Nog één titel dan – een die tegemoet komt aan mijn ernstige non-fictie verslaving, die ik ga lezen als achtergrond voor ons O Mundo-project, en die op een of andere manier toch ook wel in mijn lijstje past: Superdiversiteit : hoe migratie onze samenleving verandert van Dirk Geldof.

*

Nooit meer bang / Mélanie Rutten en Katelijne De Vuyst (vert.) (Book Island, 2014)
Heeft u soms een knipperlicht gezien. Hup konijntje / Bernardo Carvalho (Book Island, 2014)
Een planeet in je hoofd / Sally Gardner en Roos van de Wardt (vert.) (Moon, 2014)
Mijn moeder is een stekelvarken / Isol en Agnes Brundt (vert.) (De Harmonie, 2014)
De piloot en de kleine prins / Peter Sís (Clavis, 2014)
Lindbergh: het grote avontuur van een vliegende muis / Torben Kuhlmann en Joukje Akveld (vert.) (De vier windstreken, 2014)
Superdiversiteit : hoe migratie onze samenleving verandert / Dirk Geldof (Acco, 2013)

 

Olivier Dunrea

De Amerikaanse Olivier Dunrea is bekend als geestelijke vader van het schattige roodgelaarsde gansje Gonnie (waarover intussen een hele reeks is verschenen bij Gottmer). Van 25 februari tot en met 2 maart is hij in België. Hij komt hier al sinds 1972 en het blijkt één van z’n favoriete Europese landen te zijn, mede dankzij Kuifje. De ideale gelegenheid dus om hem de volgende vragen te stellen: welke Amerikaanse kinderboeken moeten Belgische kinderen zeker lezen (1) en hoe kwam Gonnie tot stand (2)?

***

(1) “One of the best and most wonderful pictures books for children that I think children in Belgium would love is STELLALUNA by Janell Cannon. This book is beautifully illustrated and teaches a lesson in diversity with the sweetest baby bat and a nestful of baby birds!”

Stellaluna

“A second book for older children (and illustrated) is: CHARLOTTE’S WEB by E. B. White. This is one of the most important children’s books ever published in the U.S. I love this book with all my heart. It is one of my all time favorites. In fact, in the newest book to be published as part of the Gossie & Friends series I pay homage to Charlotte and Wilbur on the copyright page illustration!”

(2) “Gossie came into existence when a friend bought a pair of tiny red boots for one of our very small chihuahuas. I was drawing geese and goslings at the time and did a quick sketch of a gosling wearing the red boots. The picture was humorous and I wrote a story to go with it and sent it to my editor in Boston at Houghton Mifflin. Her 4 year old daughter loved the rough sketches and story so much my editor offered a contract for the book!

I told her that I planned to do an entire gaggle of goslings and that’s how the series started. All 13 goslings were outlined at the very beginning back in 2000! I am working on the final 5 books in the series at the moment. All the goslings will be introduced to readers by next year.

I just finished the next two books in the Gossie & Friends series: GEMMA & GUS and GUS. I think these two are now my favorite goslings. Gemma is the big sister, Gus is the little brother.

Here’s a sneak peek at the characters:”

image001

Het favoriete gedicht van Edward van de Vendel

Op Gedichtendag vragen we traditioneel en mini-interview-gewijs naar het favoriete gedicht van een auteur/dichter. Dit keer spraken we Edward van de Vendel, die onlangs nog key note speaker was op de Poëzieweek-studiedag.

*

Er zijn zoveel verzen en is zoveel onbenoembaars wat tóch in beelden gevangen is door de beste dichters, dat ik mijn favoriete gedicht niet kan kiezen. Momenteel lees ik in drie bundels uit 2013, die van Thomas Möhlmann, Antoine de Kom en Mustafa Stitou, en ik ben voortdurend onder de indruk.

Maar als ik een passage moet noemen die me meteen te binnen schiet, dan denk ik toch aan Herman De Conincks ‘Poëzie’ uit een van de eerste bundels die ik las: Met een klank van hobo (1980).

POËZIE
Zoals je tegen een ziek dochtertje zegt:
mijn miniatuur-mensje, mijn zelfgemaakt verdrietje, en het helpt niet;
zoals je een hand op haar hete voorhoofdje legt, zo dun als sneeuw gaat
liggen, en het helpt niet:

zo helpt poëzie.

Mark Tijsmans over de Boekenbeurs

Donderdag opent de Boekenbeurs zijn deuren voor het grote publiek en dat brengt in de boekenwereld traditiegetrouw grote drukte maar ook een prettige spanning teweeg. Mark Tijsmans, auteur van onder meer de reeks over Wiet Waterlanders en haalt op onze vraag voor Het Mini-Interview herinneringen op aan voorbije boekenbeurzen.

***

tijsmans2

Wat ik het allerleukste vind aan de boekenbeurs is het contact met je lezerspubliek. Mee

stal gewone, hele leuke praatjes met kinderen en ouders of grootouders die al dan niet toevallig voorbij wandelen. Soms krijg je ook gekke vragen zoals ‘Waar kan ik de onderbroeken van Wiet Waterlanders kopen?’ Of zie je zieke kinderen waar je een praatje mee doet, en die een jaar later plots weer voor je neus staan. ‘He… ken je me nog?’ Nee. Onherkenbaar, omdat ze helemaal genezen zijn en er stralend gezond uitzien. Of een mama die me komt vertellen dat zij en haar zoon elkaar eindelijk begrijpen, omdat ze allebei het boek van Sooi Molenwieken gelezen hebben, en zich daarin herkennen. Kom dus gerust ook eens hallo zeggen, als je toevallig voorbij me loopt in het bouwcentrum. Wie weet wat er gebeurt!

*

Mark Tijsmans werkt ook mee aan het scholenprogramma dat Stichting Lezen, Boek.be, CANON Cultuurcel en het Vlaams Fonds voor de Letteren organiseren van 4 tot 8 november.