nachtelijke blog

Hi!

Mjah, ik weet dat ik aan een erg laat tempo mijn blogje schrijf, maar ik heb daar honderden, nee, wel duizenden redenen voor. Daar ga ik jullie, uiteraard, niet mee vervelen, zo in het holst van de nacht (dat u dit waarschijnlijk pas morgen leest, allé ja, nu eigenlijk, maar ik bedoel ‘morgen’ voor mij, die hier zit in het holst van de nacht, pakweg half 2, maakt mij geen donder uit. Voorgaande zin twee keer lezen is geen schande. DAnk!). Enkele lezers hebben me al de vraag gesteld hoe ik het in hemelsnaam ga klaarspelen tot de ‘z’ te geraken (want ik zou toch alfabetisch over mijn lees/luister/kijk/ … favorieten vertellen) tegen het einde van mijn blogmaand. Tjah… dat zal dus niet lukken! Vandaag is de letter I (eindelijk?) aan de beurt. Maar dat is nou zo’n letter waar ik niks mee aankan. Ja, ik vind de jazz van Abdoulah Ibrahim wel geweldig, maar erg veel kan ik er niet over kwijt. Misschien alleen dat die man een ‘best of’ heeft die je best eens in huis kan halen àls je van jazz houdt. In Istanbul ben ik nog nooit geweest en Ike van Ike & Tina Turner zou volgens Tina zelf en de rest van de roddelbladen een schande van een vent zijn. Dus jah…

If God must send his angels van Peter Gabriel is een puik nummer dat terug te vinden is op de soundtrack van City of Angels. Mooie film, trouwens. Maar dat zal je mij niet horen zeggen aangezien de ‘c’ allang voorbij is. In Italië ben ik nog nooit geweest (onze plannen om naar het Gardameer te trekken, waar ik enkele weken geleden wat over vertelde, zijn dus eventjes verticaal geklasseerd omdat we naar Zuid Frankrijk gaan. Ouioui!) Misschien moet ik eens een heerlijk gedicht onder de aandacht brengen. In Zweden is een gedicht van Eva Gerlach dat ik ontdekte in de eigenzinnige, maar mooi uitgegeven bloemlezing van Jan Van Coillie, ‘Met duizend blote ogen’, een selectie uit meer dan 1500 dichtbundels verschenen na 1990. Van Jan Van Coillie verscheen ook eerder ‘Met gekleurde billen zou het gelukkiger leven zijn’. Beide titels zijn uitgegeven bij Averbode en staan garant voor enkele uren onvervalst poëzieplezier!

Maar ik zou dus het wondermooie gedicht van Eva Gerlach bejubelen, ‘In Zweden’ (ook nog nooit geweest, hoor. Maar ik zou graag Stockholm eens aandoen. Schijnt dat ze daar heerlijke koffie hebben!)

In Zweden

Opgestaan in de nacht wegens propvolle maan

dwars door de luiken. De trap af. De eland die we

soms hoorden grazen vlakbij in het bos naast het meer

lag op het terras. Om niet alleen te zijn, ging ik

rustig (niet op hol slaan) bij hem zitten.

 

Achter de bomen stond het donker ons

duidelijk af te luisteren. Hee

meneer eland. Hij zei niks.

 

Nu moet u wat terugzeggen. Wilt u een beetje sla,

een appel, kabel drop? Mijn ouders

slapen, ze horen mij niet. We zijn met vakantie hier.

 

Het was een tamme, denk ik, hij had geen

gewei, hij leek wit in de mist,

hij snoof wat voor zich uit, hij had geen honger

dat zag je zo, hij keek helemaal niet naar mij.

 

Eva Gerlach, Hee meneer Eland, Querido, 1998

 

Mooi hé…

Nog?

‘Alles is werkelijk hier’ is een juweeltje van een bundel waarin haar gedichten foto’s van de kunstenaar Vojta Dukat completeren/becommentariëren. Leuk hebbeding. Moet maar eens surften naar Google en Vojta Dukat intikken om zijn werk te leren kennen.

Ajuu paraplu (want wat een weer, mensen!)

GROTE groet, Do!

Lieve mensen,

wat een drukte!

Wel fijne drukte, hoor. Een hoop dingen te doen. Zal ‘k es opsommen? Hier ga ik: Ik ben nog steeds aan het dinoboek bezig voor het Natuurwetenschappelijk museum te Brussel. Het is een erg boeiende materie, maar tegelijk weet ik er zo weinig vanaf dat het immens moeilijk is om rond zoveel onwetendheid een verhaal te breien. Maar goed, door deze opdracht weet ik nu tenminste wat een taxidermist is en wat voor goedje ze in opgezette dieren stoppen. Weet jij, trouwens, wat een taxidermist is? Juist, een dierenopzetter! Eerlijk gezegd wist ik dat al langer omdat er in Barcelona een waanzinnig goed restaurant is dat Taxidermista heet omdat er vroeger, veel vroeger dus, een dierenopzetter in dat pand zat. Of dat gegeven veel te maken heeft met het feit dat je er vandaag de dag heerlijke steak kunt eten, weet ik -gelukkig- niet…

Wat ik ook erg fijn vind om weten, is dat er in ons land, meerbepaald in Bernissart, in 1882 een van de belangrijkste verzamelingen dinosauriërers is gevonden, zowat driehonderd meter onder de grond. Die collectie staat al zo’n honderd jaar te pronk in het bovenvermelde museum en ondergaat op dit eigenste moment een facelift terwijl ‘hun’ deel van het museum verbouwd wordt. Lijkt wel een uitzending van extremely make-over of zo. Ken je dat programma? Ik ook niet, maar naar het schijnt pakken enkele gerenomeerde stylisten dan je huis én je voorgevel aan. Juist, je gezicht. Rimpels worden gladgestreken. Wenkbrauwen worden gemaaid, je lippen gevuld, je tanden krijgen een nieuwe grondlaag en je onderkin wordt opgetrokken tot achter je oren.  En terwijl jij gelukzalig ligt af te zien bij zo’n schoonheidsspecialist, wordt je huis geschilderd, je bank gestofzuigd, de enige steunmuur van je nederzetting wordt weggehaald omdat het zonder zoveel mooier is en je tuin wordt een half metertje naar links verplaatst. Of naar rechts als dat regiegewijs beter oogt. Al zappend stuit je op ontelbaar veel van dat soort realityprogramma’s. Zo heb je ook een programma over een superhuisvrouw die je huis komt poetsen en tegelijk de punten van je haar kortwiekt. Er bestaat ook een dame die dikke mensen uithongert. En er loopt in televisieland ook een juffer rond die je kinderen belangeloos grootbrengt. In wat voor zalige wereld leven we toch? Een mens moet niks meer zelf doen!

Waarom heb ik het dan zo druk, vraag ik me af. Waarom bestaat er geen vriendelijke dame die mijn dinoboek schrijft? Waarom moet ik steeds helemaal zelf mijn manuscripten bedenken en waarom moet ik nog zelf die eeuwige vuilzak buiten zetten? Waarom?!

Wat heeft zo’n dinosauriër die, nota bene, al 65 miljoen jaar de zegen gegeven heeft, meer dan ik dat hij/zij (dino’s hadden geen piemel, geloof ‘k) een facelift krijgt én dat zijn/haar (waaraan zag je dat dan?) woonst verbouwd wordt?

Ach, het is maar gekkigheid, natuurlijk. Je moet echt wel de grootste slons van je dorp zijn om kans te maken op zo’n professionele teeveepoetsvrouw. Je moet minstens zoveel als een volgestouwde glascontainer wegen eer je een television-afslank-nimf over de vloer krijgt en je kinderen moeten al op de stoep van de kinderrechter staan (en jij op de rand van een inzinking), wil je zo’n wondernanny zien verschijnen.

Eigenlijk heb je het minst recht op klagen als je alles gewoon zelf mag doen. Dan valt het allemaal nog mee, zeg maar. Fijn dat ik eigenlijk wou vertellen hoe druk ik het wel heb en er daardoor achterkom dat ik niks te klagen heb. Positief denken heet dat, geloof ik. Of wishfull thinking? Kan ook.
Oh ja, de H!

Dat wordt dan de H van Martha HHHHeesen. In 2004 won ze de prestigieuse Gouden Uil voor haar jeugdboek ‘Toen Faas niet thuiskwam.’ Dat boek heeft mij door elkaar geschud, beste mensen. Dat boek heeft mij doen lachen en huilen tegelijk en dat is het mooiste gevoel dat er bestaat. Dat boek heeft mij jaloers gemaakt (waarom heb ik dat niet geschreven, g*dverd*….?!). Dat boek is voor mij het mooiste, het meest complete wat er is. Na Joni Mitchell, uiteraard. Maar we zijn nog niet aan de M, folks!

‘Toen Faas niet thuiskwam’ gaat over Peter die met zijn vader de zolder gaat opruimen de dag nadat zijn jongere broer, Faas, door de politie is thuisgebracht. Kort nadat zijn moeder gestorven is. Eigenlijk is hij het die al jaren zijn steeds-verdwijnende-broer gaat zoeken én vindt en naar huis brengt. Toen zijn moeder nog leefde werd Faas’ verdwijnen begrepen en vergeven, onder het mom dat het toch zo’n bijzondere, dromerige, artistieke jongen is die dat verdwijnen ‘nodig’ heeft. Maar nu mama, zielsverwante van Faas eigenlijk, er niet meer is, is zijn laatste verdwijning de druppel in de spreekwoordelijke emmer geweest en heeft Faas’ vader hem hard aangepakt. De dag die daarop volgt is de langste uit Peters leven. Het opruimen van de zolder moet voor een kentering in zijn vaders rouwen zorgen. Maar het wordt niet meer dan een verplaatsen van dingen die het verlies en gemis alleen maar tastbaarder maken.

‘Toen Faas niet thuiskwam’ is het mooiste, meest ontroerende boek(je, want het telt amper honderd pagina’s) dat ik ooit tussen mijn twee handen heb gehad. Nadat La Heesen de Gouden Uil in ontvangst had genomen, las ik een paar keer in interviews hoe ze zelf niet begrijpt dat ze ‘zoiets’ heeft kunnen schrijven. Ook ik begrijp zoiets niet, en dat maakt het fantastische kleinood alleen maar bijzonderderderderder…

Bye,

Do (gaat dino’ jennen!)

Bedankt voor het (on?)geduldig wachten, lieve mensen! Tjah…. f… staat natuurlijk (en iemand had het al geraden) voor Fawlty Towers!

Je zal wel denken dat ik niks anders doe dan naar tv-series kijken. Niet waar, hoor. Ik kijk erg weinig tv. Meestal kijk ik als ik laat thuis kom. Dan zet ik het nieuws nog even aan of ik stuit op een heruitzending van een of andere serie op VijfTV of ik kijk naar Martha Stewart die aan het koken is met een bekende Amerikaan waarvan ik niet eens meer wist dat die nog in leven was (JR uit Dallas om maar iemand te noemen) of het publiek aan het uitleggen is hoe je zelfgemaakte jam het langst bewaard. Of zoiets. Het nachtelijk tv kijken vind ik wel fijn. Je weet gewoon dat je met niet meer dan een handvol mensen naar die buis aan het staren bent en dat de helft daarvan in slaap gevallen is. Ook dat heb ik vaak voor. Ik kijk dan naar de heruitzending van het laatavondnieuws, maar ik haal het einde niet. Maar die uitzending wordt tot de ochtend herhaald en daar word ik om het uur van wakker. Zo zat ik deze week naar het nieuws te staren en vroeg me af waarom Sarkozy, je weet wel, de president van Frankrijk, zo raar stond te doen na een ontmoeting met de Russische president Poetin. Het lukte hem amper zijn oortje in zijn oor te stoppen en kijkt glazig naar de journalisten die voor hem zitten. De president wist blijkbaar niet goed hoe hij de persconferentie moest beginnen. Hij zei ‘willen jullie dat ik antwoord geef op jullie vragen? … oké, stel dan maar een vraag.’ En toen stond hij wat te glimlachen en het leek of zijn benen van snoep waren gemaakt. Je zou echt gezworen hebben dat hij te diep in het G8-water had gekeken. Dus, ik zag dat op de nieuwsheruitzending, maar had gemist waarom hij daar zo vreemd stond te doen. Dus ik dacht: ach, ze zenden het toch een hele nacht en ochtend uit, ik zal er wel achter komen. Ik ben die nacht acht keer wakker geworden voor ze het bericht mét uitleg aankondigden en evenveel keer weer in slaap gevallen… voor ze het bericht nog een keer aankondigden en schoot ik elke keer weer wakker toen hij daar al stond.

Nu blijkt dat er een hele toestand is rond die uitzending. Een Nederlandse journalist heeft zijn excuses al aangeboden aan Sarkozy omdat die had aangekondigd dat S zat was en de brave president zegt dat ie geen druppel alcohol aanraakt en dat hij bovendien een lange afstandsloper is (wat heeft dat er nou mee te maken?) Alleszins, dat filmpje is ondertussen het meest gedownloade filmpje op het internet! http://www.youtube.com/watch?v=oOKbHnNkLOY hier zie je ‘t fimpje. Echt kijken. Ik heb nu al een boon voor Sarkozy!

Die man zou zo in Fawlty Towers kunnen spelen. Alhoewel, John Cleese vervangen? Heb je hém al es bezig gezien? De serie stamt uit de jaren 80 en gaat over een klein hotel in het Engelse Torquey met de meest stuntelige, hooghartige, arrogantste uitbater die je je maar kan voorstellen: Basil Fawlty. O ja, én de langste… én de grappigste! Afleveringen als ‘De Duitsers’, ‘De verbouwing’, ‘Basil, de rat’ en ‘de psychiater’ zijn om te gieren! Er zijn maar twaalf afleveringen gemaakt. Wat eigenlijk wel jammer is. Het smaakt zo erg naar heel veel meer. Alhoewel, misschien is het juist omdat het zo weinig afleveringen heeft dat het zo sterk is. Het maar blijven uitmelken en rekken, zoals zo vaak gebeurt met goede series (Friends, om maar iets te noemen) zou de serie, in zijn totaliteit, tamelijk mager maken. Het is beter te stoppen op het absolute hoogtepunt om door de jaren heen overeind te blijven (dacht Kim Clijsters?). In ieder geval, dat vond Jan Eelen (regisseur) ook toen hij Het Eiland maakte: twee series en fini! Oké, je verlangt naar nog, maar je weet gewoon dat kort en goed werkt.

Het is niet alleen Fawlty die de schow steelt in de serie, hoor. Zijn ijdele, ietwat luie, maar niet onverstandige vrouw die, als het er echt op aankomt de boel rechttrekt, Sybil ofte de uitstekende actrice (die timing!) Prunella Scales is duizelingwekkend goed. Vooral als ze aan de telefoon hangt met haar vriendinnen en tot in den treure  ‘Oh, I know!’ repliceert… En, voor ik de kenners in het harnas jaag, Manuel, de Spaanse ober niet te vergeten! Een sympathieke, knotsgekke ober uit Barcelona die Basil in huis heeft gehaald, onder het mom dat hij die wel es zal opleiden. Maar eigenlijk loopt Manuel er als een kip zonder kop rond omdat hij buitenlander is én dus goedkoop. Maar de arme Spanjaard baart Basil meer zorgen dan goed is voor een hoteleigenaar en loopt voortdrurend in de weg of is nergens te bespeuren als hij nodig is. Gelukkig is er Polly. Een jonge, welwillende (niet verkeerd interpreteren!) dienster die bijklust om haar kunstopleiding te betalen. Maar bijklussen komt er op neer dat zij werkelijk àlle branden moet blussen. Polly, in het echt Conny Booth, was ten tijde van Fawlty Towers mevrouw John Cleese en schreef mee aan de serie die hét schoolvoorbeeld is van de Engelse comedy.

Fijn weekend, mensen!

Do 

vogeldino

Dag mensen,

Gezien op het journaal? In China vond men onlangs de resten van een, op zijn zachts gezegd, gigantische vogeldino.  Deze nieuwe vleeseter kreeg de naam ‘Gigantoraptor Erlianensis’ mee. Hij woog tot 1.400 kilogram en was waarschijnlijk zo’n vijf meter groot. Daarmee zal hij niet veel kleiner geweest zijn dan de beruchte Tyrannosaurus Rex. Het dier had twee lange poten. Hij was wel gevleugeld, maar kon niet vliegen. Hij was 35 keer groter dan alle andere gevleugelde dieren destijds. De gevleugelde dino was uitgerust van een gigantische tandloze bek (gelukkig!) en zijn lichaam was bedekt met plukjes pluimen. De Gigantoraptor werd gevonden in Erenhot, Binnen-Mongolië, een regio waar wel eerder fossielen werden gevonden. Hij zou China ongeveer 85 miljoen jaar geleden geteisterd hebben, tijdens de late Krijttijd. Het gevonden specimen zal zo’n 11 jaar oud geweest zijn.

U zal wel denken: vanwaar deze interesse? ‘D(ino)-day’ is toch al voorbij? Mjah, maar ik werk heden ten dage aan een dinoboek. Jawel, Do gaat Spielberg achterna. Het is in opdracht van het Koningklijk Belgisch Natuurwetenschappelijk Museum dat ik een verhaal op kindermaat moet schrijven dat zal gepubliceerd worden in het kader van de heropening van het museum. Die is voorzien in oktober. Dit prachtige museum herbergt een verzameling complete dinosauriërs (Iguanodons o.a.) die in 1878 werd gevonden in de mijnen van Bernissart. Yeps, België dus. De verzameling te Brussel behoort tot de grootste ter wereld. En ik mag daar dus een spannend verhaal rond schrijven dat zich afspeelt in en rond het prachtige museum. Natuurlijk krijgt die reusachtige vogeldino ook een plaatsje in dat verhaal. De vondst zou er namelijk voor zorgen dat alle reeds bestaande theoriën rond dino’s nog eens ernstig onder de loep moeten worden genomen. Ach, zo blijft er werk in deze twijfelachtige wereld. Of hoe een beest dat tachtig miljoen jaar geleden er het bekje bij neerlegde, nog steeds voor opschudding kan zorgen…

E! Inderdaad, vandaag is het E-dag en ga ik het meest geweldige feuilleton van de lage landen (en ver daarbuiten) loven. Het EEEEiland! Want, dames en heren, oudjes en kinderen, wat is dat toch een beklijvende, machtige serie! Ik heb de dvd-box (uiteraard) en heb alle afleveringen al een zestal keer gezien. Het kan ook meer zijn. Ondergetekende is er dus zwaaaaar aan verslaafd. Ik geef toe. Zo verslaafd dat ik, samen met Lies die ik dus onbeschaamd mee de verslaving insleep, vorig jaar naar een ‘Het Eilandmarathon’ in het CC van Beveren ben getrokken. Wat resulteerde in van ‘s morgens half 10 tot ‘s avonds half 9 Eilandkijken! Eerst een ontbijtje, na vier afleveringen een warme maaltijd, koffie in de namiddag en ‘s avonds een diner incluis. Ik moet toegeven dat ik na de negende aflevering een beetje begon in te zakken, maar de twee laatste afleveringen die samen eigenlijk het slot vormen, maakte mij weer springlevend! Dat slot is het mooiste kippenvelmoment wat tv- en film- en muziek- en boekenland mij tot vandaag bezorgd heeft. Naar Bryan Adams en zijn ‘The best days of our lives’ luister ik nu heel anders dan vroeger! Een halfblote man op een paal in het water was nog nooit zo ontroerend… Afijn, het was een uitzonderlijke belevenis om een hele zondag in het fijne gezelschap te verkeren van Alain (die lach!) Vandam, Frankie (die krullen!) Loosveld, Guido (die neerhangende mondhoeken!) Pallemans, Michel (die baard!) Drets en Sammy (euh… die baard!) Tanghe. Stuk voor stuk grappige, maar tegelijk dramatische personages. Elk op hun manier. En Liesje niet te vergeten en Frederik en Linda! Ach, terwijl ik hier zit te tikken zou ik zo weer de dvd uit zijn doos willen rukken en in de speler rammen, maar ik heb enkele maanden geleden de box uitgeleend aan vrienden. Stom, want ik heb met ernstige afkickverschijnselen af te rekenen! Gelukkig is er nog een andere serie die op de bijna-gedeelde eerste plaats staat in mijn lijstje. Daar vertel ik volgende keer meer over want die begint met de letter F. Rararaaaaa… Nee, het is niet Familie! ;o)

Groeten,

D(in)o!