Eric Carle’s foto komt tot leven

In de rubriek Het ding en ik laten we normaal gezien auteurs of illustratoren aan het woord over hun relatie met één voorwerp dat een belangrijke rol heeft gespeeld in hun leven of werk. Dit keer vroegen we niemand om een stukje te schrijven. We vonden een prachtig verhaal op het internet dat we u niet wilden onthouden.

Het gaat over een foto. Een oude zwart-witfoto.

Eric Carle zwart-wit-foto

Dit is een foto van de kleine Eric Carle, toen hij als jongetje in de Verenigde Staten woonde, vlak voor hij terug naar Duitsland verhuisde, het land waar zijn ouders vandaan kwamen. Hij koesterde zijn leven lang deze foto en gebruikte de foto als basis voor zijn meest recente boek Vriendjes (‘Friends’):

Eric Carle Friends

Ergens hoopte hij met dit boek zijn vriendinnetje van vroeger terug te vinden. En dat is gelukt! Het hartverwarmende verhaal achter deze foto leest u hier.

De schoentjes van Kristien

In de rubriek Het ding en ik laten we auteurs en illustratoren aan het woord over hun relatie met één voorwerp dat een belangrijke rol heeft gespeeld in hun leven of werk. Kristien Dieltiens blikt terug op het verleden, zo’n vijftig boeken geleden.

*

Een vraag van Eva of ik iets wilde schrijven over een  voorwerp dat van belang is tijdens mijn schrijfproces. Ik heb geen lievelingspen, wil niet noodzakelijk rood ondergoed aan tijdens het schrijven en ik heb geen schrijfstoel. Toch schoot me iets te binnen.

Januari 1997. Het was al laat. Eerste poedersneeuw die dag. Ik zat op de zolderkamer waar mijn tekenspullen min of meer veilig waren voor de handen van mijn kroost. Er moest nog één prent gemaakt worden voor  De gouden bal (mijn eersteling: over geboren worden en sterven als deel van het leven). De moeilijkste prent. Hoe teken je de dood?
Het verhaal ontstond, naar aanleiding van de dood van een kind op school en het niet vinden van een gepast verhaal om in mijn klas te vertellen. Opeens was het er, het werd verteld en het groeide tijdens de jaren.
Het verhaal begon een eigen leven te leiden. Het werd gebruikt bij geboortefeesten, verjaardagen en begrafenissen. In september ‘96 werd het ook gelezen door de ouders van één van de vermoorde kinderen van Dutroux en op hun vraag trokken we naar een uitgeverij. ‘Want het verhaal biedt zoveel troost,’ zeiden ze drie weken na de begrafenis van hun dochter.
Het moest snel gaan. Deadline einde januari. Overdag voltijds lesgeven naast de vijf koters die mijn huis bevolkten. Niet eenvoudig.
Hoe teken je het sterven? Iedere poging was een mislukking. Of te melig, te symbolistisch of onwaar naar mijn aanvoelen.  Het was ondertussen 23h en mijn punthoofd dacht: Foert! Ik ga naar beneden en trakteer mezelf op een trappist. Onderaan de trap struikelde ik over de schoentjes van mijn vierjarige dochter. Als een echte moeder kon ik alleen maar sakkeren dat het toch godgeklaagd was dat ze nooit hun spullen opruimden en dat ik alles achter hun gat moest opruimen.
Ik nam de bottientjes vast en in een flits wist ik wat doodgaan betekende. Niet het moment van het sterven, maar alle eeuwigdurende stukjes tijd van het grote gemis erna. Ik herinnerde me opeens haarscherp hoe mijn jongste naar buiten was gerend bij het zien van de eerste sneeuw, hoe ze daarna huilend terug binnenkwam omdat de sneeuw in haar handjes beet en hoe ze haar schoentjes boos uitschopte. In de schoenen zag ik haar leven van die dag. Ik kon me zo goed voorstellen hoe ouders van een gestorven kind naderhand in alles het leven van hun kind terugzagen. Groeistreepjes op de lijst van de keukendeur, de geur van een mantel, een knuffel op het bed enz.

Met een trappist én de schoentjes in mijn hand ben ik terug naar boven gegaan. Getekend tot 4h.
De schoentjes hield ik bij, ze stonden jarenlang op mijn werkplek. Ik gaf ze mee aan mijn volwassen dochter toen ze het nest verliet.

kristien schoentjes

Na zestien jaar is op vraag van vele mensen een derde druk gekomen. Met herwerkte tekst en nieuwe prenten van mijn zoon Seppe Van den Berghe. Ik liet hem vrij, maar hij koos opnieuw voor een prent met schoentjes.

kristien schoentjes derde druk

kristien de gouden bal

Het groene koffertje van Pieter

In de nieuwe rubriek Het ding en ik laten we auteurs en illustratoren aan het woord over hun relatie met één voorwerp dat een belangrijke rol heeft gespeeld in hun leven of werk. Pieter Gaudesaboos, verzamelaar bij uitstek, bijt de spits af.

*

Samen met journaliste Annick Lesage maakte ik de (luister)boeken Briek en Herr Luna. Daarin kan je als lezer mee op zoek gaan naar het verdwenen kindsterretje Briek Vierstraete. Zo kom je bij aanvang van het tweede boek toe in de luchthaven van Berlijn, waar je in één van de damestoiletten een groen koffertje vindt met daarop de afbeelding van Briek. In dat koffertje zitten detectivespullen waarmee je verder aan de slag moet.

Annick en ik verbleven twee weken in Berlijn, om er de zoektocht samen te stellen, alle belangrijke plaatsen en voorwerpen te fotograferen en er urenlang geluiden op te nemen. Het sneeuwde onafgebroken en een ijskoude wind kleurde onze neuzen en oren rood. Het koffertje, dat ook verder in het verhaal een belangrijke rol blijft spelen, nam ik overal met me mee. Ik had het een tijd voordien gekocht op een rommelmarkt bij ons in de buurt en spoot er met een graffittispuitbus heel voorzichtig het symbooltje van Briek op. Ik vond het er mooi en mysterieus uitzien, en het bleek daar in Duitsland een water- en sneeuwdichte reisgezel te zijn.

Toen we met het boek klaar waren namen het koffertje en ik afscheid van elkaar. Het werd opnieuw een stuk rommel, een vergeten herinnering ingeklemd tussen dozen op zolder. Ik bewaarde er oude papieren in, met de bedoeling het dan bij een volgende verhuis naar de kringloopwinkel te brengen.

Maar zover is het gelukkig niet gekomen! Sinds een jaar is dat kranige oude koffertje opnieuw mijn vaste reisgezel geworden, op weg naar – en tijdens – workshops en lezingen. Het is net groot genoeg om er al mijn spullen in op te bergen, en kinderen reageren nieuwsgierig als ik er de klas mee binnen kom. Bij het wandelen kraakt het handvat gezellig op het ritme van mijn stappen. En als de slotjes met twee harde tikken openspringen wordt het vanzelf stil.

Laatst hoorde ik op de trein een groepje tienermeiden onhandig luid ‘Briek’ fluisteren en zag ik ze naar mijn koffertje wijzen. Misschien herkende ook de vorige eigenaar zijn oude koffer, als attribuut in een kinderboek of zomaar ergens onderweg, aan de hand van een ander. Ik hou van voorwerpen die een tweede (of derde, of vierde, …) leven krijgen. Als ik mijn koffer niet meer nodig heb, breng ik het toch nog naar de kringloopwinkel. Want wie weet kan het daar beginnen aan een nieuw verhaal.

koffertje