Prutsdag

Een dag van veel gepruts vandaag: veel bezig geweest en toch het gevoel dat ik niks gedaan heb, ken je dat? Ik heb vandaag achtereenvolgens:

vanmorgen vroeg een boek gelezen in bed (de nieuwe van Martha Heesen, deze week heeft ze ‘m me opgestuurd, en ‘t is een hele goeie, Wolf heet hij: grappig, ontroerend, spannend en zó juist geobserveerd en zó fijn geformuleerd, echt een Heesen grand cru – ken je Martha Heesen? Niet? Dan moet je haar beslist ontdekken hoor, ze is een van de allerbeste jeugdauteurs van ons taalgebied), dan toch maar uit bed geklommen, ontbijt met koffie, ei en brood en het kruiswoordraadsel van gisteren in de Standaard (drie woorden niet gevonden, godver), onderwijsbijlage in de Standaard gelezen (overmorgen weer naar school en morgen al vergadering, ik word al een beetje nerveus), dan een Frans boek gelezen (een novelle uit 1938, tamelijk geniaal, misschien geef ik het wel als lectuur op aan m’n laatstejaars), de keuken opgeruimd, getelefoneerd, wat administratie gedaan, papieren opgeruimd, mails beantwoord, bedacht wat ik zou gaan eten vanavavond, recept gezocht (pasta met kalfsvlees, courgette en kervel), boodschappenlijstje gemaakt, op m’n fiets geklommen, naar de Fnac gereden om de oude computer van Ellen terug te brengen (Ellen is mijn dochter, ze is 21, ze is ongelooflijk knap en verstandig, ze kan heel goed auto rijden en ze heeft net een nieuwe computer gekregen).

Onderweg naar de Fnac ontmoet ik Liza en Marieke, en die doen een vakantiejob voor AZG, en ik schrijf me in als donateur. Om Liza en Marieke een plezier te doen natuurlijk, maar ook omdat ik AZG een ontzettend belangrijke organisatie vind. Zonder Liza en Marieke had ik me ook wel ingeschreven, maar niet vandaag.

In de Fnac ontmoet ik drie leerlingen (En, meneer, een goede vakantie gehad? – Ja hoor, en jullie? – Superfantastisch! Jammer dat het bijna voorbij is! – O ja! – En, geeft u dit jaar weer les aan ons? – Weet ik nog niet. – Super! Okee! Tot vrijdag dan maar hè…! – Ja, tot vrijdag…). Na de Fnac loop ik achtereenvolgens de Zara, de We en de Inno in, op zoek naar een nieuwe regenjas, en in de Inno bedenk dat ik eigenlijk nog een vrij nieuwe regenjas heb, maar dat ik die bij m’n moeder heb laten liggen. Mijn moeder woont aan zee, dat is wel een klein probleem, maar voorlopig heb ik dus geen nieuwe regenjas nodig. (In de Inno zie ik trouwens Wim De Vilder, waw! En hij eet een appel!)

Dan ga ik eten kopen (kalfslapje, courgette en pasta), loop even op school binnen om te horen welke klassen ik dit schooljaar zal hebben, en dat valt allemaal mee. Ik geef al dertig jaar les, en eigenlijk valt dat altijd mee. Waarmee ik dus bedoel dat ik eigenlijk heel graag lesgeef. Alleen word ik eind augustus altijd een beetje nerveus. Dat is niet erg, dat is al zevenenveertig jaar zo (nu reken ik even de jaren erbij toen ik zelf nog op de schoolbanken zat) en dat zal wel nooit overgaan.

Daarna ga ik de krant en de Humo kopen (op de cover van de Humo staat Wim De Vilder! Waw! Hoe toevallig!), thuis knutsel ik een lunch bij elkaar (geitenkaasjes met pijnboompitten en sla en een toastje), ik eet die op en daarna val ik met de krant in slaap op de sofa. Daarna telefoon van de gordijnwinkel: mijn nieuwe gordijnen zijn klaar. Fijn! Ik ga die samen met Ellen halen en ik hang ze op. Nu heb ik nieuwe gordijnen. Waw. De hele kamer lijkt wel nieuw. En het licht is ook zo helemaal anders! (Klink ik nu een beetje als een reclamefolder? Dat vind ik ook.) Daarna kook ik eten en ik eet het op. Mmm, lekker. Ik ben echt een geweldige kok. Ha!

Na het eten (bij het journaal) doe ik de afwas, ik ga even voor de tv liggen zappen en dan kruip ik achter mijn computer om wat oud tekstmateriaal bij elkaar te zoeken voor de roman waar ik aan bezig ben. De delete-knop is daarbij de meest gebruikte. En nu ben ik dit aan het schrijven.

Wat een prutsdag hè?

O, nog vergeten: vanmorgen heb ik op internet eindelijk een site gevonden waar ik de teksten van Dylans kon vinden. Heb ze allemaal uitgeprint. Geweldig. Nu is mijn inktpatroon bijna leeg. Morgen een nieuwe gaan kopen. Shit, wat is het leven duur, zeg. Maar ik ben wel geweldg blij met de teksten van Dylan.

En nu ik erover nadenk: ik ben ook wel blij met die ontmoeting met mijn leerlingen, met die rit naar de gordijnwinkel samen met Ellen, met de ontmoeting met Liza en Marieke, met mijn nieuwe opdracht voor het komende schooljaar, met de courgette en de kalfslapjes en de pasta, en met dit blogdinges! Godverdomme, het komt allemaal wel goed!

(Alleen jammer dat Wim De Vilder het Journaal niet presenteerde vandaag. Maar Martine Tanghe is ook niet mis.) �

Dylan en regen

Iedereen is maar aan ‘t zeuren over de regen en de kou en ‘t einde van de zomer (en wàt voor een zomer, hè meneer, eerst te warm en dan te nat, ‘t is altijd iets hier in België, ‘t zal wel het broeikaseffect zijn zeker, en dan is hij nog voorbij voor je ‘t weet! – Raar hoor, wat de mensen soms zeggen: Wat een rotzomer, en dan is hij nog veel te snel voorbij ook! Alsof ze van een restaurant zouden zeggen: Wat een rattenvoer serveren ze daar! En dan nog veel te kleine porties! Enfin.)

Dylan's nieuweWat ik eigenlijk wou zeggen: voor mij kan deze augustusmaand niet meer stuk, ondanks de regen en het slecht weer, want de nieuwe Dylan is verschenen! De eerste in vijf jaar! Modern Times, heet hij, en ja, ik geef toe, ik ben een onvoorwaardelijke Dylanfan. De voorbije dagen en weken was ik al aan het lezen en het surfen, op zoek naar reacties en kritieken en oef, ze waren unaniem lovend (nu ja, op een paar zeikerds na…), en ik ben dus zaterdag meteen naar de winkel gerend en ik heb hem gekocht. De ‘limited edition’ natuurlijk, met extra DVD.

Al twaalf keer volledig beluisterd inmiddels. Ik moet misschien maar meteen een reserve-exemplaar kopen, voor als dit hier versleten is. Of nee, ik zal ‘m meteen op m’n computertje kopiëren… Kopiëren, bah, bah, vies woord – net zoals downloaden: ik ben natuurlijk vierkant vóór het auteursrecht en vierkant tégen het illegaal downloaden, ja wat wil je, als auteur moet ik wel! Maar ik mag natuurlijk wel de nieuwe Dylan op mijn eigen persoonlijke laptop zetten, toch? Ik besteel toch niemand op deze manier? Want daar ben ik namelijk als de dood voor, dat ik iemand zou bestelen.

En hij is goed, de nieuwe Dylan. Er staan zelfs een paar heuse klassiekers op, dat kan ik nu al zeggen, na nauwelijks zestien beluisteringen, jawel. Workingman’s Blues #2 en Ain’t Talking, namelijk. En hoe ik dat nu al zo zeker kan weten? Wel, ik hóór dat, meneer! ik ben namelijk al een Dylanfan van toen ik veertien was. Toen liet een klasgenootje mij Like a Rolling Stone horen, op zo’n roze plastieken draagbare pick-up, en het klonk afschuwelijk vals, maar ik vond het fantastisch.

En twee jaar later kocht ik een tekstboek van hem (ik heb het nog altijd, het heet Bob Dylan Complete Works (approximately), en het is uitgegeven bij de Bezige Bij) en ik begreep er geen fluit van, maar ik streepte hier en daar een regel aan die ik wel verstond, zoals bijvoorbeeld ‘I gave her my heart but she wanted my soul’ (uit Don’t think twice it’s all right‘ en ik werd pisnijdig van jaloersheid dat ik die regel niet geschreven had, en zo heeft Dylan mij misschien wel meer dan iemand anders aangezet om ooit zelf te gaan schrijven.