White Ravens Festival (deel I)

Van 19 tot en met 24 juli vond in München en omgeving het derde White Ravens Festival plaats, georganiseerd door de Internationale Jugendbibliothek. Zestien kinder- en jeugdboekenschrijvers vanuit de hele wereld lazen voor uit hun werk of vertelden over hun boeken én over het schrijven daarvan.

We vroegen aan Toin Duijx om een verslag te schrijven over de indrukken die hij opdeed tijdens het White Ravens Festival. Dit is het eerste deel van zijn relaas.

White Ravens 1

 

 

 

Boekenslot

Iets buiten München is sinds 1983 in een laatmiddeleeuws slot (Schloss Blutenburg) de Internationale Jugendbibliothek gevestigd. De bibliotheek is echter ouder. In het na-oorlogse Duitsland organiseerde Jella Lepman, een Duitse journaliste van Joodse afkomst die tijdens de oorlog in Engeland verbleef, in 1946 met ondersteuning van de Amerikaanse bezettingsautoriteiten een tentoonstelling van kinder- en jeugdboeken die afkomstig waren uit verschillende landen. Uitgangspunt voor deze opmerkelijke tentoonstelling was haar gedachte dat de basis voor een goede internationale verstandhouding bij de kinderen ligt en dat het lezen van boeken ‘uit andere landen en culturen’ daarbij een uitstekend hulpmiddel kan zijn. Jella Lepman wist invloedrijke mensen, zoals Erich Kästner en Lisa Tetzter, mee te krijgen voor haar ideeën. Het lukte haar al snel om van de Rockefeller Foundation een subsidie te verwerven, waardoor zij met haar bestand aan boeken van de tentoonstelling een internationale kinderbibliotheek kon starten. In 1949 kreeg zij een statige villa in de Kaulbachstrasse in München tot haar beschikking en was de oprichting van de Internationale Jugendbibliothek een feit. De uitgangspunten van Jella Lepman zijn ook nu nog steeds van toepassing. De bibliotheek heeft nu een collectie van meer dan 650.000 kinder- en jeugdboeken in meer dan 130 talen, een heel uitgebreide collectie vakliteratuur en een beursprogramma voor onderzoekers vanuit de hele wereld.

In dit schitterende slot vond de openingsavond van het White Ravens Festival 2014 plaats, waarbij direct al duidelijk werd dat ondanks dat de auteurs uit allerlei windstreken kwamen, zij toch allemaal ook iets gemeen hebben. Zij willen via hun boeken iets zeggen. Geen boodschap, geen moraal (ook al is die misschien bij sommige auteurs toch wel iets te nadrukkelijk aanwezig), maar vooral een verhaal vertellen over mensen die interessant zijn en boeiende belevenissen meemaken. Of om gehoord te worden. Zij willen graag de witte ravens tussen de vele zwarte raven zijn.

White Ravens 2

 

 

 

 

Een denkbeeldige omroep

Christine Nöstlinger (Oostenrijk) kon bij de openingsavond helaas niet aanwezig zijn (zij is ook al aardig op leeftijd), maar Sebastian Feicht, een toneelspeler die in Duitsland ook bekend is van televisie, las op een werkelijk schitterende wijze voor uit haar verhalen over Franz, die thuis geen televisie heeft en op school dan ook niet kan meepraten over wat daarop allemaal te zien is. Op een gegeven moment verzint hij een televisieserie, over buitenaardse wezens, en omdat zijn klasgenoten maar doorvragen over de serie die zij niet kennen, moet hij steeds meer leugens verzinnen. De serie zou op een televisiekanaal zijn dat alleen nog maar proefuitzendingen heeft en alleen bekeken kan worden met een speciale decoder. Als zijn klasgenoten dan bij hem thuis willen komen kijken, moet hij van alles verzinnen om ervoor te zorgen dat ze niet mogen komen kijken. Nöstlinger die in de vorige eeuw vooral met haar maatschappij-kritische boeken veel aandacht kreeg, heeft in dit boek (‘Alles vom Franz und seine Freunden’, 2014, niet in het Nederlands vertaald) met veel humor en met schitterende observaties een jongen met veel fantasie neergezet. Het was muisstil in de zaal, die helemaal gevuld was met kinderen van alle leeftijden en ook veel volwassenen. Het is te hopen dat een Nederlandse uitgever van het boek een vertaling zal uitgeven.

Feest voor het hele gezin

Op zondag was er een aantrekkelijk programma voor het hele gezin. Dankzij het mooie weer (ofschoon meer dan 35 graden in de zon toch wel iets te heet was en iedereen erg blij was met de vele zonneschermen) konden kinderen in de slottuin mee doen met activiteiten die allemaal iets met kinderboeken te maken hadden. Jezelf tot een beroemde boekenheld schminken, gedichten maken n.a.v. bekende gedichten, figuren uit prentenboeken knutselen en nog veel meer. Centraal in het programma stonden de presentaties van enkele auteurs.

White Ravens 3

 

 

 

 

 

 

Bart Moeyaert (Vlaanderen) vertelde over het gezin waaruit hij komt (en op die wijze indirect ook waarom hij uiteindelijk schrijver is geworden). Zijn vader en moeder wilden graag een zoon en een dochter, maar na de eerste zoon kwam er een tweede, een derde …. en een zevende en dat was Bart. Daarna hebben ze het maar opgegeven (met toestemming van meneer Pastoor zoals Moeyaert op zeer humoristische wijze vertelde). Uitbundig werd er steeds gelachen als Moeyaert zijn moeder nadeed, zoals zij liep met weer een dikke buik. Over zijn jeugdjaren en zijn relatie met zijn broers schreef Moeyaert een jeugdroman, ‘Broere’, die in 2001 bekroond werd met de Woutertje Pieterse Prijs. Ook vertelde hij hoe hij heel schuchter zijn eerste manuscript aan een uitgever stuurde, die binnen een week alles al retourneerde met de mededeling dat het niets voor hen was. Een tweede uitgever deed daar iets langer over, na zes maanden kreeg hij, toen nog geen twintig jaar oud, bericht dat men het wilde uitgeven, maar dat er dan nog wel nog een en ander aan veranderd moest worden. Van alle presentaties die ik heb kunnen bijwonen, kreeg Moeyaert het langst applaus (hij moest zelfs nog terugkomen op de bühne). En het was een erg lange rij van kinderen en volwassenen die daarna een opdracht in de net gekochte boeken wilde hebben.

White Ravens 4

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Nog veel langer was de rij na de voordracht van Alex Scheffler (Duitsland / Engeland). Iedereen wilde wel een ‘grüffelo’ (in de Nederlandse uitgaven verschenen bij Lemniscaat heet ‘ie Gruffalo) in een van zijn prentenboeken hebben. Samen met een toneelspeelster uit Berlijn (en hulp van kinderen uit het publiek) werd het verhaal verteld van de kleine muis die achtereenvolgens door een vos, een uil en een slang uitgenodigd wordt om te komen eten, omdat ze hem allemaal zien als een lekker hapje. De muis zegt echter dat hij bij de Gruffalo gaat eten, een monster met slagtanden, vlijmscherpe klauwen, eeltige knieën, oranje ogen, paarse stekels en nog veel meer, waarna de dieren afdruipen. Maar dan loopt de kleine muis de Gruffalo echt tegen het lijf! Alex Scheffler liet aan de hand van enkele schetsen zien hoe een prentenboek ontstaat (het verhaal is van de Schotse auteur Julia Donaldson). Zijn prentenboeken zijn wereldbekend. De verhalen rondom het monster zijn op zich eenvoudig, maar kennen een levendige spanningsopbouw met een bevredigend slot, en dat allemaal doorspekt met veel humoristische elementen. Scheffler heeft een beeldtaal ontwikkeld met kleurrijke, herkenbare en enigszins naïeve illustraties die overal ter wereld in de smaak vallen.

De dag werd afgesloten met een voetbalwedstrijd tussen de lektoren van de internationale Jugendbibliothek en enkele auteurs en de kinderen en uiteraard moesten penalty’s uiteindelijk een beslissing brengen en zoals te verwachten wonnen de kinderen.

White Ravens 5

Voor alle dinofans!

Er worden elk jaar ontzettend veel boeken gepubliceerd. Terwijl ik dit schrijf staat de teller op 1.346.758 boeken. Ik stel me dan meteen de vraag hoeveel boeken ik op dit moment mis in mijn leven, want zo’n hoeveelheid uitgaven kan je onmogelijk bijhouden. En zelfs al zou ik dat kunnen, dan nog is er een probleem: de overgrote meerderheid van deze boeken zijn niet in het Nederlands uitgegeven. Gelukkig is er altijd nog de mogelijkheid om zo’n boek te gaan vertalen! In deze rubriek proberen we een anderstalig kinderboek dat een Nederlandse vertaling verdient onder de aandacht te brengen.

Het boek waar mijn oog op is gevallen heet Ivar träffar en Stegosaurus, of, in het Nederlands, Ivar ontmoet een Stegosaurus. Dit Zweedse boekje, geschreven door Lisa Bjärbo, trok meteen mijn aandacht door de titel. Ik ben namelijk een enorme dinofan. Als er dinosaurussen in een verhaal voorkomen, dan ben ik al quasi verkocht. Maar dit boekje heeft dan ook nog eens leuke prenten en het vertelt een grappig spannend verhaal. Ivar heeft namelijk een schuif vol met dino’s van plastic, maar op een avond hoort hij gerommel in de schuif…

Ivar 2

 

Veel meer kan ik nog niet verklappen, maar Ivar zal oog in oog komen te staan met een echte Stegosaurus:

Ivar 1

De schrijfster is overigens bezig aan een hele serie en het volgende boek is al in de maak en heeft de veelbelovende titel: Ivar träffar en Tyrannosaurus. Ik kan alvast niet wachten!

Er is ook een filmpje gemaakt over het boek en dat kan je hier bekijken:

http://www.youtube.com/watch?v=LJGwk4_lha0

Ivar träffar en Stegosaurus
Lisa Bjärbo
Rabén & Sjögren, 2014
ISBN 9789129690071

Verhaaltjes voelen

Met een 3D printer kan je tegenwoordig de allergekste dingen maken: kleren, muziekinstrumenten, lichaamsdelen en zelfs chocolade kunnen geprint worden. De universiteit van Colorado heeft de mogelijkheden van deze printer nu verder uitgebreid met een nobel doel in gedachten: kinderen met een visuele beperking van prentenboeken laten genieten.

Door het printen in 3D van prentenboeken wordt het mogelijk voor ouders om samen met hun slechtziende kind op schoot te lezen. De figuurtjes springen letterlijk uit de pagina en door te voelen kunnen de kinderen zich een voorstelling maken bij het verhaal. Het boekje Goodnight Moon ziet er bijvoorbeeld als volgt uit:

Goodnight Moon 2

Goodnight MoonBekende boeken die door het toenemende succes aan de lijst zijn toegevoegd zijn: The Cat in the Hat en The Hungry Caterpillar.

Meer informatie vind je in dit krantenartikel en op de officiële website.

Leo Timmers in Nieuw-Zeeland

Soms stuit je tijdens een online zoektocht op iets waar je niet naar op zoek was, maar uiteindelijk toch bij blijft hangen. Zo ontdekte ik vandaag een interview met Leo Timmers op de blog van Wellington City Libraries naar aanleiding van een workshop die hij ging geven in Nieuw-Zeeland tijdens de New Zealand Festival’s Writers Week.

Lees hier hoe zijn eerste boek uitgaf toen hij amper 11 jaar oud was en waarom het leven van een illustrator niet altijd van een leien dakje loopt…