Aandacht voor jeugdliteratuur in de lerarenopleiding

Toen ik -lang lang geleden- de lerarenopleiding volgde was er enkel Jef Pepermans die ons in de richting van kinderboeken wees. We moesten fiches bijhouden, en minstens 10 kinderboeken lezen. Ik was op eigen houtje opnieuw de kinderboekenwereld ingedoken, als recensente bij pluizer. Mijn fichebak bevatte gelukkig veel meer dan 10 titels. Geen enkele keer kwam er een auteur of illustrator op bezoek, of werden we gestimuleerd om zelf te gaan experimenteren.
Hoe graag en hoe veel toekomstige leraren lezen, die op hun beurt de vonk op hun leerlingen zullen laten overslaan wordt tegen het licht gehouden in een onderzoek rond leesattitude en leesmotivatie door lectoren aan de AP Hogeschool.
Het bestaat nog. Al zijn ze hopelijk eerder een uitzondering: leerkrachten die zelf niet of nauwelijks lezen…. Als ik één suggestie mag doen: laat Verborgen talenten deel uitmaken van het curriculum van de lerarenopleiding! Jeugdliteratuur inzetten in alle vakken, over vakgrenzen en hokjes heen…

verborgen talenten

Gisteren organiseerde de Arteveldehogeschool in Gent een inspiratiedag kinderliteratuur. Een fantastisch initiatief waarbij leerkrachten in opleiding een hele dag verschillende workshops konden bijwonen en ondergedompeld werden in het werk van diverse auteurs en illustratoren. Er was ook aandacht voor de kamishibai. Ik stelde mijn vertelkast op in een vergaderzaaltje in de Centrale en prikkelde jonge leerkrachten in spé om zelf met de kamishibai aan de slag te gaan.
Vandaag deed ik hetzelfde in de Singel, op de cultuurdagen van CANON voor het secundair onderwijs. Op mijn vraag voor wie dit een eerste kennismaking met kamishibai was gingen er 19 vingers de lucht in. Eén leraar in opleiding kende het verteltheater uit het jeugdwerk. Ik vertelde enkele verhalen, schetste verschillende mogelijkheden en vroeg hoe zij dit verteltheater zelf zouden gebruiken in hun les, in hun vak. Er kwamen verrassende voorzetten.
Ik zou dan ook graag iedereen die met kamishibai aan de slag gaat willen uitnodigen om ervaringen en ideeën uit te wisselen en te delen in de facebookgroep “aan de slag met kamishibai
Welkom!

Save

Kamishibai!

Het museum Plantin-Moretus in Antwerpen opende maandag voor leerkrachten NT2 haar deuren: verschillende leerkrachten uit Basiseducatie, CVO, OKAN, … schreven in op deze verwendag om carrouselgewijs te proeven van drie (van de zes) uiteenlopende workshops. Eentje daarvan ging over het inzetten van de kamishibai in het NT2 onderwijs. Mijn stokpaardje.

Ilona Plichart schreef een heel mooi verhaal over dromen en helden: hoe Christoffel Plantin bleef gaan voor zijn droom en Salwa dit, 400 jaar later, ook doet. En hoe deze levensverhalen elkaar raken. Hoe elke nieuwkomer in Antwerpen geraakt kan worden door hun verhaal… Het is een prachtig beeldboek, met foto’s van Jimmy Kets. Mooi foto’s, die ook als kamishibaivertelplaten werden afgedrukt. Met deze vertelplaten ging ik in mijn workshop aan de slag. Een korte prikkelsessie, om te demonstreren hoe het verteltheater werkt. Een proevertje, een smaakmaker om mensen goesting te geven zelf op weg te gaan.

IMG_2041[1]

Het was voor veel mensen een eerste kennismaking met kamishibai. Ik leende de woorden van Carll Cneut, die in het boekenboek zegt: “Als het aan mij lag, stond er op al mijn boeken: van 4 tot 104 jaar, zoals op gezelschapsspellen.” Dat mag wat mij betreft ook op de kamishibai staan.

aandeslagmetkamishibai-1-min

Save

de leesclub

Toen ik lesgaf aan anderstalige nieuwkomers hielden we wekelijks “de leesclub”, een leesproject waarbij vrijwilligers met onze OKAN-leerlingen samen kwamen lezen. Ik plunderde mijn eigen boekenkast; schotelde o.m. de verhalen van kikker & pad (Arnold Lobel) voor. Het was een heuse queeste, de zoektocht naar geschikte leesboeken. De leesclub bestaat nog steeds. Nu mag ik elk jaar vanuit docAtlas een boekenkoffer samenstellen. Het aanbod is rijker en gevarieerder, of misschien is mijn kijk op het aanbod wat veranderd.
Vandaag kwam er een groep leraren in opleiding inspiratie opdoen in docAtlas. Een deel van hen gaat binnenkort aan de slag als leesbegeleider in een OKAN-school. Oefenen op het technisch lezen. Maar daar legde ik maar weinig nadruk op vandaag. Het technisch oefenen doen ze wel in de klas, hoop ik. Ik hamerde op het leesplezier. En dat start bij boekplezier! Ik toonde boeken om mee te spelen, zoals het mooie tangramkat, net nog bekroond met zilveren griffel en gouden penseel en het grappige memorykonijn, waarmee je, zonder dat de makers het misschien bedoeld hebben, speels wat woordenschat kan inoefenen met anderstalige nieuwkomers. Of het heerlijke Dierelirium van professor Revillod; oneindig veel lees- en puzzelplezier! Daarnaast schotelde ik nog enkele mooie fotoboeken voor, want lezen is ook kijken. Probeer zeker eens de boeken van Ursus Wehrli uit; heerlijk hoe hij alles opruimt!

ursus wehrli

Omdat er ook op lezen geoefend moet worden presenteerde ik ook enkele theaterleesboeken, of toneellezen. Deze zomer nog uitgeprobeerd met onze jongste zoon. Het werkt écht! Ik toonde ook enkele beeldboeken, boeken uit de Wablieftcollectie en reeksen van eenvoudig communiceren, …
Maar ook poëzie, mooie alfabetboeken, woordeloze prentenboeken en boeken in andere talen. Als kers op de taart trakteerde ik hen op een verhaal geschreven door OKAN-leerlingen. Een verhaal uit het project ‘verhalen uit alle windstreken’, een heel schoon en inspirerend project van OKAN Berkenboom uit Sint Niklaas. Ik vertelde het met de kamishibai. Daarover later meer…

Knipsel

Save

Save

Voorlezen!

Al jaren lees ik hier mee: binnengluren in de hoofden en schrijf- & tekenateliers van zij die gepassioneerd met jeugdliteratuur bezig zijn. Schrijvers, illustratoren, leesbevorderaars, …
Deze maand heb ik de eer om jullie te laten binnenkijken in mijn hoofd. (Een atelier heb ik niet.) Het belooft een drukke maand te worden dus er zal veel te vertellen zijn!
Laten we meteen met een van mijn passies beginnen: voorlezen!

Gisteren was ik te gast in de bibliotheek van Mechelen. Ik gaf er een workshop over voorlezen aan baby’s en peuters. Een zaaltje vol enthousiaste voorlezers. Jonge ouders, grootouders, voorleesvrijwilligers, leerkrachten, … die allemaal overtuigd zijn van het belang van voorlezen maar toch nog wat tips wilden meekrijgen over voorlezen aan heel jonge kinderen. Want ja, hoe doe je dat, voorlezen aan een baby? Vorig jaar werd ik door Elly van der Linden getraind en gevormd tot Boekstart-vormingsgever. Het gaf me niet alleen een nieuwe, frisse kijk maar vooral heel veel goesting om vele anderen mee te nemen in dit verhaal!
Terug naar gisteren: Ik zeulde drie grote dozen vol boeken mee. Absurd, want Liesbet-An had ook al heel wat boekjes uit de bib uitgestald. De deelnemers gingen met de boeken aan de slag, met elkaar. Baby’s om mee te oefenen hadden we niet bij. Alles draait nochtans om hen: hoe reageren zij op wat je hen laat zien, op wat ze zien en ontdekken in de boekjes die ze zelf vastnemen? Hoe reageer jij daar dan op?
Hoe deed ik het zelf, toen mijn zonen nog baby’s waren?

Dit stukje schreef ik in februari 2011 op de blog van Boekbaby’s (nu Boekstart):

De eerste keer…
Toen we in juli 2007 onze koffers pakten om onze oudste zoon op te halen in zijn geboorteland wou ik er absoluut enkele boekjes instoppen. Maar wat geef je een baby van elf maanden te lezen, die tot dan enkel zijn vingers en tenen als speelgenootje had? Ik nam Baby’s eerste speel- en voelboek mee, het stoffen knisperboek Kleine Ezel knispert en een zacht knuffelboekje van kleine Jules. De eerste keer dat ik het speel- en voelboek tevoorschijn toverde begon hij te gillen. Ik had hem enkel de cover getoond. De ongekende vormen en vooral de felle prikkelende kleuren hadden hun effect niet gemist. Het knisperboekje dan maar. Ook in felle kleuren, maar makkelijker om zelf te hanteren. En minder schreeuwerig. Het werd vastgepakt, gevoeld, gekneed en geproefd. Zo ook het zachte knuffelboekje. Elke dag bood ik de boekjes aan en telkens ging ik een stapje verder. Ik wees aan en benoemde. Liet hem zien hoe je een bladzijde moest omslaan. Liet hem de boekjes aaien en knuffelen. Haalde ook opnieuw het prikkelende boek erbij. Het overdonderde hem. Maar maakte ook nieuwsgierig. We exploreerden samen de bladzijdes in het boek. Aaiden de stofjes, keken in de spiegel, gluurden onder de flapjes. Ik wees aan en benoemde, verzon korte liedjes en versjes die ik telkens weer herhaalde. Later, toen we al lang weer thuis waren en hij ook nog andere kartonboekjes had leren kennen, bleef dit speel- en voelboek lange tijd zijn favoriet. Tot de flapjes sneuvelden en zijn interesse in dierenboeken gewekt was.

DSC_0741

Save

Tot ziens, Ine; Hallo Inge!

September liet ons kennismaken met Ine Muys – stem van de nieuwe generatie jeugdliteratuurspecialisten. Het mag duidelijk zijn dat we nog veel van haar gaan horen! Dankjewel Ine en succes met je thesis!

In oktober geven we de blog in de kundige handen van Inge Umans. Jeugdliteratuurliefhebber, leesbevorderaar, voormalige OKAN-lerares, medewerker van docAtlas en kamishibai aficionada. Geen gebrek aan onderwerpen om over te schrijven, denken we. Welkom Inge!