Voorlezen!

Al jaren lees ik hier mee: binnengluren in de hoofden en schrijf- & tekenateliers van zij die gepassioneerd met jeugdliteratuur bezig zijn. Schrijvers, illustratoren, leesbevorderaars, …
Deze maand heb ik de eer om jullie te laten binnenkijken in mijn hoofd. (Een atelier heb ik niet.) Het belooft een drukke maand te worden dus er zal veel te vertellen zijn!
Laten we meteen met een van mijn passies beginnen: voorlezen!

Gisteren was ik te gast in de bibliotheek van Mechelen. Ik gaf er een workshop over voorlezen aan baby’s en peuters. Een zaaltje vol enthousiaste voorlezers. Jonge ouders, grootouders, voorleesvrijwilligers, leerkrachten, … die allemaal overtuigd zijn van het belang van voorlezen maar toch nog wat tips wilden meekrijgen over voorlezen aan heel jonge kinderen. Want ja, hoe doe je dat, voorlezen aan een baby? Vorig jaar werd ik door Elly van der Linden getraind en gevormd tot Boekstart-vormingsgever. Het gaf me niet alleen een nieuwe, frisse kijk maar vooral heel veel goesting om vele anderen mee te nemen in dit verhaal!
Terug naar gisteren: Ik zeulde drie grote dozen vol boeken mee. Absurd, want Liesbet-An had ook al heel wat boekjes uit de bib uitgestald. De deelnemers gingen met de boeken aan de slag, met elkaar. Baby’s om mee te oefenen hadden we niet bij. Alles draait nochtans om hen: hoe reageren zij op wat je hen laat zien, op wat ze zien en ontdekken in de boekjes die ze zelf vastnemen? Hoe reageer jij daar dan op?
Hoe deed ik het zelf, toen mijn zonen nog baby’s waren?

Dit stukje schreef ik in februari 2011 op de blog van Boekbaby’s (nu Boekstart):

De eerste keer…
Toen we in juli 2007 onze koffers pakten om onze oudste zoon op te halen in zijn geboorteland wou ik er absoluut enkele boekjes instoppen. Maar wat geef je een baby van elf maanden te lezen, die tot dan enkel zijn vingers en tenen als speelgenootje had? Ik nam Baby’s eerste speel- en voelboek mee, het stoffen knisperboek Kleine Ezel knispert en een zacht knuffelboekje van kleine Jules. De eerste keer dat ik het speel- en voelboek tevoorschijn toverde begon hij te gillen. Ik had hem enkel de cover getoond. De ongekende vormen en vooral de felle prikkelende kleuren hadden hun effect niet gemist. Het knisperboekje dan maar. Ook in felle kleuren, maar makkelijker om zelf te hanteren. En minder schreeuwerig. Het werd vastgepakt, gevoeld, gekneed en geproefd. Zo ook het zachte knuffelboekje. Elke dag bood ik de boekjes aan en telkens ging ik een stapje verder. Ik wees aan en benoemde. Liet hem zien hoe je een bladzijde moest omslaan. Liet hem de boekjes aaien en knuffelen. Haalde ook opnieuw het prikkelende boek erbij. Het overdonderde hem. Maar maakte ook nieuwsgierig. We exploreerden samen de bladzijdes in het boek. Aaiden de stofjes, keken in de spiegel, gluurden onder de flapjes. Ik wees aan en benoemde, verzon korte liedjes en versjes die ik telkens weer herhaalde. Later, toen we al lang weer thuis waren en hij ook nog andere kartonboekjes had leren kennen, bleef dit speel- en voelboek lange tijd zijn favoriet. Tot de flapjes sneuvelden en zijn interesse in dierenboeken gewekt was.

DSC_0741

Save

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>