Hoe zou het met Rosa zijn?

… en met Jacoba?

Alle dames zitten netjes klaar in een kring als ik binnenkom. Ze heten allemaal Julia, Maria, Paula of Bertha.Ze zijn ook allen stevig op leeftijd, vanaf pakweg vijfentachtig tot diep in de negentig. Ik bespeur enkele mannen, maar ze zijn helaas in de minderheid. Zij luisteren naar namen als Jef, Juul  of Lowie.

Enkele keren per maand lees ik aan hen voor in het woonzorgcentrum waar ze verblijven. Dat begon enkele jaren geleden met een oorlogsdagboek, samengesteld door de gemeentelijke heemkundige kring. Het had als titel ‘Marie van Stinus’ en verhaalde over een jong meisje dat opgroeit tijdens de oorlogsjaren begin vorige eeuw. Mijn publiek vond het boeiend  én herkenbaar, vooral dat laatste. Want zeker hun ouders maakten die periode nog live mee en een paar bewoners waren zelfs al geboren.

Daarna kwamen de sprookjes aan bod, waarbij ik de klassiekers (Roodkapje, Sneeuwwitje) afwisselde met wat stevigere kost van Marita De Sterck (Vuil vel). Die Vlaamse volksverhalen waren wat grimmiger, wreder en erotischer dus af en toe werd er stevig gegrinnikt en gegniffeld. Ook De Witte van Zichem is al gepasseerd. De laatste maanden gingen we de heimattour op. Jef Lievens schrijft heel beeldend over Jefke De Zwerver en Sjarel van Bertes’Stien. Vrolijke vertelsels over volkse figuren uit de Kempen, die vaak arm waren maar er toch het beste van probeerden te maken.

Mijn publiek kijkt uit naar deze voorleesmomenten. En dat doe ik eigenlijk ook. Het zijn welgekome intermezzo’s in hun alledaagse, eerder monotone bestaan. Ze genieten zichtbaar van de herkenbare verhalen en reageren enthousiast wanneer we achteraf nog een beetje napraten  over het ruilen van drie kiekens  voor een konijn (daarna stiekem vervangen door een kat).

Vorige maand zat plots ook Irma bij het gezelschap, ze was drie dagen eerder 100 jaar geworden. Aandachtig volgde ze mijn sappige verhaal en met grote ogen keek ze hoe ik, af en toe stevig gesticulerend, enkele anekdotes kracht bijzette. Toen ik na het voorlezen nog even napraatte met een ergotherapeute hoorde ik dat Irma al geruime tijd stokdoof is. Maar ze hoorde erbij en dat deed haar zichtbaar deugd. Potdoof genieten, dat is ook een kunst!

En zo komt er stilaan een einde aan deze voorleesmaand waarin ik voorlas aan (zeer) jong en (heel) oud. Waarin we met kinderen van twaalf gingen voorlezen aan kinderen van zes. Waarin ik een aantal keren ging vertellen – in een school en in een bib –  over het belang van voorlezen (aan papa’s, én aan onze koning). Waarin ik juryleden van de Vlaamse Kinder- en Jeugdjury begeleidde en hun prachtig hoorde vertellen over een gelezen boek, met een woordenschat die vér boven die van de gemiddelde tiener in Vlaanderen uitsteeg. En het deed me allemaal plezier, ik genoot van elk verhaal, van elke samenkomst, van elke letter van elk boek.  Dus we maken ook van december nog een voorleesmaand want wie weet wat voor fraais hebben de Sint én de Kerstman nog in petto!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>