Bedankt Frans en hee hallo december!

En plots is november al héél lang voorbij zonder dat er fatsoenlijk afscheid genomen is van gastblogger Frans Hoes. Dankjewel VoorleesFrans en tot gauw weer eens!
In wat rest van december krijgt u ons, Iedereen Lezers, voorgeschoteld. Met stukjes over ons professioneel leven en ons leesleven (en hoe dat vaak in elkaar overvloeit). We zijn zelf alvast benieuwd wat dat gaat geven. :)

Hoe zou het met Rosa zijn?

… en met Jacoba?

Alle dames zitten netjes klaar in een kring als ik binnenkom. Ze heten allemaal Julia, Maria, Paula of Bertha.Ze zijn ook allen stevig op leeftijd, vanaf pakweg vijfentachtig tot diep in de negentig. Ik bespeur enkele mannen, maar ze zijn helaas in de minderheid. Zij luisteren naar namen als Jef, Juul  of Lowie.

Enkele keren per maand lees ik aan hen voor in het woonzorgcentrum waar ze verblijven. Dat begon enkele jaren geleden met een oorlogsdagboek, samengesteld door de gemeentelijke heemkundige kring. Het had als titel ‘Marie van Stinus’ en verhaalde over een jong meisje dat opgroeit tijdens de oorlogsjaren begin vorige eeuw. Mijn publiek vond het boeiend  én herkenbaar, vooral dat laatste. Want zeker hun ouders maakten die periode nog live mee en een paar bewoners waren zelfs al geboren.

Daarna kwamen de sprookjes aan bod, waarbij ik de klassiekers (Roodkapje, Sneeuwwitje) afwisselde met wat stevigere kost van Marita De Sterck (Vuil vel). Die Vlaamse volksverhalen waren wat grimmiger, wreder en erotischer dus af en toe werd er stevig gegrinnikt en gegniffeld. Ook De Witte van Zichem is al gepasseerd. De laatste maanden gingen we de heimattour op. Jef Lievens schrijft heel beeldend over Jefke De Zwerver en Sjarel van Bertes’Stien. Vrolijke vertelsels over volkse figuren uit de Kempen, die vaak arm waren maar er toch het beste van probeerden te maken.

Mijn publiek kijkt uit naar deze voorleesmomenten. En dat doe ik eigenlijk ook. Het zijn welgekome intermezzo’s in hun alledaagse, eerder monotone bestaan. Ze genieten zichtbaar van de herkenbare verhalen en reageren enthousiast wanneer we achteraf nog een beetje napraten  over het ruilen van drie kiekens  voor een konijn (daarna stiekem vervangen door een kat).

Vorige maand zat plots ook Irma bij het gezelschap, ze was drie dagen eerder 100 jaar geworden. Aandachtig volgde ze mijn sappige verhaal en met grote ogen keek ze hoe ik, af en toe stevig gesticulerend, enkele anekdotes kracht bijzette. Toen ik na het voorlezen nog even napraatte met een ergotherapeute hoorde ik dat Irma al geruime tijd stokdoof is. Maar ze hoorde erbij en dat deed haar zichtbaar deugd. Potdoof genieten, dat is ook een kunst!

En zo komt er stilaan een einde aan deze voorleesmaand waarin ik voorlas aan (zeer) jong en (heel) oud. Waarin we met kinderen van twaalf gingen voorlezen aan kinderen van zes. Waarin ik een aantal keren ging vertellen – in een school en in een bib –  over het belang van voorlezen (aan papa’s, én aan onze koning). Waarin ik juryleden van de Vlaamse Kinder- en Jeugdjury begeleidde en hun prachtig hoorde vertellen over een gelezen boek, met een woordenschat die vér boven die van de gemiddelde tiener in Vlaanderen uitsteeg. En het deed me allemaal plezier, ik genoot van elk verhaal, van elke samenkomst, van elke letter van elk boek.  Dus we maken ook van december nog een voorleesmaand want wie weet wat voor fraais hebben de Sint én de Kerstman nog in petto!

Lezen koningen voor aan hun kinderen? (en doen ze dat goed?)

Het zou zomaar een titel kunnen zijn uit die blauwe informatieve reeks uit de jaren negentig met als titels Wat doet de juf op zondag? of Lusten koeien melk?  Maandag had ik de eer onze vorst te ontmoeten, dus dit was dé uitgelezen kans om het hem eindelijk een keer te vragen. Op 20 november weerklonk immers het startschot van De Voorleesweek  met als thema Hoera voor de voorleespapa’s. Dat inspireerde onze koning om voor die gelegenheid een school in Kampenhout te vereren met zijn bezoek.

Helaas zegt het protocol dat je Koning Filip zelf geen vragen mag stellen, dus moest ik het antwoord afleiden uit zijn gedrag én het gesprek dat we (de voorleespapa’s en ikzelf) met hem hadden. Die papa’s hadden alvast een inspirerende lezing achter de rug en traden gewapend met nieuwe inzichten onze vorst tegemoet. Voorafgaand aan onze ontmoeting ging onze koning wél zelf voorlezen in een 3de leerjaar. Daar was ik helaas zelf niet bij aanwezig (die lezing, weetjewel) maar gelukkig kon ik tijdens het avondnieuws enkele opnames bekijken die de talrijk opgekomen pers maakte van deze prestatie. Die beelden stemden me nog niet helemaal tevreden, een geïnterviewd meisje had het achteraf nochtans over een goede intonatie waar ik eerder het omgekeerde had waargenomen.

Maar het gesprek met de voorleespapa’s moest nog beginnen. Nadat we  allemaal       plichtsbewust waren rechtgesprongen bij de binnenkomst van onze vorst en hij            ons allen gemoedelijk  de hand schudde, kon het échte gesprek over voorlezen starten. Haast fluisterend stak hij – in nagenoeg perfect Nederlands – van wal. Maar als we   onze oren spitsten, vingen we toch meteen op dat hij voorlezen bijzonder belangrijk     vond én dat het nogal wat anders was dan al dat gedoe op tabets en computers…      want al die moderne media fnuikten toch maar meteen de fantasie van onze kinderen. Die zat! Zoals het hoort gaf hij maar al te graag het woord aan iedere        voorlees(o)pa(pa) en kreeg meteen lovende woorden te horen over het leesbeleid in    de school waar hij te gast was. Een aantal papa’s gaf ook aan dat het voorleesritueel     hen tot rust bracht ’s avonds. Bemoedigend knikte hij hen toe en terwijl hij minzaam     glimlachte poneerde hij nog een keer zijn boude stelling: voorlezen was bijzonder        belangrijk voor de taalontwikkeling van onze kinderen en dat was nogal wat anders        dan al die tablets.

koning2

Toen de man zich even later wat stijfjes uit zijn stoel hees zag ik in een flits de   koninklijke familie voor me: in een deftige kamer in een prachtig (maar wat     gedateerd) kasteel staan ze met zijn allen voor een reusachtige boekenkast – ietwat    stoffig maar o zo indrukwekkend – en allemaal zijn ze verdiept in een boek. Het lijkt      haast een sprookje, want koningen en prinsessen komen niet zo vaak meer voor in      het echte leven. En als ze uit hun rol stappen, dan moeten ze even op zoek naar de   draad met de werkelijkheid…

Het antwoord op de vraag is dus niet meteen duidelijk na vandaag. Maar iedereen       verdient het voordeel van de twijfel. En blijven oefenen. Of misschien dat  voorlezen toch maar gewoon aan Mathilde overlaten.

En de voorleesweek? Die kreeg een schitterende start en best veel persaandacht. Dus vanaf vandaag zijn we met zijn allen begonnen! Met voorlezen. Want zo hoort het!   Hoera dus voor de voorleespapa’s!

Bravo Babette!

Mogen voorlezen aan je kleinkind: één van de meest fantastische geneugten van het ‘opa zijn’ !

Uiteraard begon het zowat anderhalf jaar geleden met liedjes, versjes en schootspelletjes. Al  gauw haalde ik leuke eerste kartonboekjes boven en merkte dat Babette, vorige week twee jaar geworden, bijzonder geboeid was door boekjes over dieren (én hun bijhorende geluiden).

Telkens als de kleine spruit op bezoek kwam bij oma en opa werd er naar hartelust verteld,  gelezen en gezongen.  Gaandeweg werden de pop-up-boekjes (waarbij achter flapjes allerlei dingen verborgen zitten) een enorm succes. Sinds een half jaar begint de jongedame in kwestie bij alle mogelijke dieren de bijhorende geluidjes te maken.  De laatste maanden voor haar 2de verjaardag begint ze de dieren zelf te benoemen.  Van aap tot konijn tot zebra passeren vlot de revue. Grappig om te horen hoe dat kleine mensje gaandeweg meer en meer dieren van namen begint te voorzien en daar  zichtbaar plezier aan heeft.

Tegelijk begon ze op erg jonge leeftijd  erg enthousiast te reageren op liedjes én muziek. De CD bij het liedjesboek   Eén twee drie vier, een scala van kinderliedjes met illustraties van Annemie Berebrouckx is nog steeds een ongekend succes!  Ook andere versjesboeken werken bijzonder inspirerend. Door samen met papa en mama vaak dezelfde versjes op te zeggen en te herhalen ontwikkelt  zich een bijzonder proces. De prenten ondersteunen immers de bijhorende tekst en zonder dat deze kleine meid het beseft begint ze eigenlijk in het boek te … lezen.

Getuige daarvan is onderstaand filmpje.  Zonder meer vertederend én charmant. En een schoolvoorbeeld van hoe je met erg jonge kinderen aan taalontwikkeling kan doen. Bravo Babette, en daa-aag !

Lezen én voorlezen (en af en toe een auteur op bezoek)

 

Leesbevordering in de klas kan op heel wat manieren. Het start met een uitgebalanceerd aanbod dat voortdurend wisselt en leerlingen uitdaagt om te lezen. In een 6de leerjaar kunnen (sommige) leerlingen al heel wat aan: van leuke informatieve reeksen tot fijne strips, interessante poëziebundels en lijvige (spannende) verhalen. Want één constante is vaak aanwezig: het moet spannend zijn én avontuurlijk!

Wat een geluk dat mijn klas een voormalige uitleenpost van de plaatselijke bibliotheek is: een aantal boekenrekken bleven hangen en bieden de mogelijkheid om een honderdtal boeken frontaal te presenteren: dé best manier om ze te promoten.

Wekelijks presenteer ik vooraan in de klas (op een apart boekenrek) een boek van de week, waaruit ik een aantal fragmenten voorlees waarna het boek in de vaste collectie achteraan verdwijnt. Al staat het daar gewoonlijk niet zo lang want een aantal leerlingen werd door het voorlezen geprikkeld en wil het boek uitproberen. Leeservaringen komen achteraf in een leesdagboekje.

Onze school doet mee aan kwartierlezen. Het principe is even eenvoudig als doeltreffend: elke dag (proberen) 15 minuten stil te lezen in elke klas. Op dinsdag- en donderdagmiddag kunnen leerlingen sinds vorig schooljaar ook middaglezen in de leesplek. Dat is een speciaal ingerichte en knusse leesruimte (in een deel van de voormalige eetzaal) met vast tapijt op de vloer, leuke boekenkistjes en een sfeervolle verlichting. Het aanbod is divers met veel aandacht voor informatieve boeken. Een twintigtal kinderen vertoeft er met plezier tijdens de middagpauze.IMG_3016 (2)

Deze week stonden een aantal boeken van Daan Remmerts-De Vries centraal in mijn boekenhoek. De auteur was immers vandaag te gast in de bibliotheek en wij waren de bevoorrechte luisteraars. De Nederlandse auteur van ondermeer Godje, Voordat jij er was en Groter dan de lucht, erger dan de zon vertelde honderduit over inspiratie, boekenprijzen, uitgeverijen en het belang om in het leven te kiezen voor wat je écht graag doet. De leerlingen waren geboeid, stelden veel vragen (ook diegene die er helemaal niet toe doen) en stonden vol bewondering te kijken toen hij op het eind van de lezing zonder moeite een paard én een leeuw verwerkte in één grappige tekening. Dit is pas leesbevordering! Met dank aan onze plaatselijke bibliotheek én educatief medewerker Stefan.

Leespromotie? Dat kan enkel met volgehouden inspanningen, veel variatie, verschillende werkvormen én een aantal enthousiaste leespromotoren. Aan het werk dus!