Jeugdliteratuur.org

Fred het (heel erg eigenwijze) hert

   

Korte inhoud Fred het (heel erg eigenwijze) hert

Fred het hert is behoorlijk eigenwijs. Als er dingen gebeuren die hem niet bevallen, grijpt hij in. Zelfs in het verhaal dat over hem gemaakt wordt! Zo vindt hij dat hij te klein en te tuttig wordt afgebeeld. Hij wil zelf handen hebben: als hij die niet krijgt, wil hij niet meer meedoen in het verhaal!
Dit humoristische, fantasievolle prentenboek is uitgevoerd met kleurrijke illustraties, waarin zelfs de hand van de maakster zo nu en dan te zien is.

Aanzet

Dit is best een moeilijk boek om aan te brengen, aangezien de schrijfster fysiek aanwezig is – in de vorm van haar gefotografeerde hand – en ingrijpt in het verhaal, door bijv. Fred weg te gummen of bij te werken. Daarom is het belangrijk dat je dit boek expliciet voorleest en als het ware samen met de kleuters ontdekt welke vreemde dingen zich afspelen. Vraag je hardop af van wie de hand is die het oortje van Fred afwerkt. Door stil te staan bij zulke trucjes, die het schrijven en illustreren van een boek op zichzelf centraal zetten, leer je kleuters op een andere manier naar verhalen kijken. Namelijk als duidelijke maaksels, als toevallige kunstwerken die op een gegeven moment zijn vastgelegd, maar er net zo goed anders hadden kunnen uitzien.

 

Verwerkingsactiviteiten

Beestige schoenen

Fred vindt blauwe sneakers het best bij hem passen om er wat meer als een mens uit te zien. Verzamel een heel arsenaal foto’s van zeer diverse diersoorten, en ook zoveel mogelijk verschillende paren (het liefst echte) schoenen, al kunnen het ook afbeeldingen zijn. De bedoeling is dat de kleuters hun voorstellingsvermogen de vrije loop laten en hun hoofd breken over de vraag welk beest welk paar schoenen zou kiezen, mocht het in de stad op twee poten willen lopen. Hier volgen een aantal suggesties:

- Een secuur gecoiffeerde koningspoedel – een paar glimmende stiletto’s
- Een flink uit de kluiten gewassen modderzwijn – een paar stevige laarzen
- Een schattige puppy – een paar witte babyschoentjes
- Een pezige luipaard – een paar aerodynamische loopschoenen
- Een slome pandabeer – een paar luie pantoffels

Uiteraard gaat het erom wat de kleuters associëren en kan hun eigen logica de combinaties heerlijk onvoorspelbaar maken: het luipaard dat toe is aan een poosje rust-met-pantoffels of het zwijn dat ook wel eens op de hakken wil. 


Ontwikkelingsdoelen:
Kleuter: Muzische vorming - Attitudes 6.1
Kleuter: Nederlands - Spreken 2.5
Kleuter: Nederlands - Spreken 2.13

Bos of stad

Je speelt een reactiespelletje en vertelt over een dag in het bos met Fred. Als de kleuters iets horen wat niet in het bos kan, maar veeleer in de stad, dan laten ze zich horen, bijv. door met hun twee vingers tegen elkaar te tikken. Als ze dat doen, sta je even stil bij de situatie en laat je de kleuters verwoorden wat er mis is. Om je op weg te zetten: Fred ligt te slapen onder een boom – hij wordt wakker en eet wat gras en wat blaadjes – dan steekt hij over op het zebrapad – en hij kom terecht op een knus plekje met mos en bloempjes – daar stapt hij een supermarkt binnen en koopt een flesje water – om vervolgens op een geknakte boomstam te zitten dromen en te staren naar de vogeltjes in de lucht –…


Ontwikkelingsdoelen:
Kleuter: Nederlands - Luisteren 1.2
Kleuter: Nederlands - Luisteren 1.5
Kleuter: Wereldoriëntatie - Maatschappij (politieke en juridische verschijnselen) 4.6
Kleuter: Wereldoriëntatie - Ruimte (ruimtelijke oriëntatie) 6.6

Homo rechtopicus

Als Fred in de stad loopt, voelt hij zich bekeken. Fred denkt dat het aan het feit ligt dat hij geen schoenen aan heeft, tot het hem opvalt dat hij de enige is die op vier poten loopt. Het lijkt hem dus wijzer om op zijn achterpoten te lopen, maar ‘toch blijven de mensen kijken’. Vraag de kleuters of mensen de enige ‘dieren’ zijn die rechtop lopen, en of ze nog zulke wezens kennen. Ze herinneren zich misschien stokstaartjes die erg lang op hun twee achterpootjes blijven staan, of mensapen die zich op hun achterhanden voortbewegen. Ook beren lopen wel eens op hun twee achterpoten en honden kan je erop trainen. Zorg in elk geval voor een aantal beelden van zulke dieren. Zijn er dan ook mensen die op handen en voeten lopen? Hebben ze altijd al op hun twee ‘achterpoten’ gelopen? Wie heeft een idee? Toon een klassieke weergave van de evolutie van de mens, van vierpotige aap tot homo sapiens, en bespreek dat de mens beestachtiger begonnen is dan ze zouden denken. Ga na deze filosofische overwegingen over tot actie. Enkele mogelijkheden:

- Zet het evolutionaire overzicht van mensaap tot mens samen met de kleuters om in een tableau vivant.
- Laat kleuters dagelijks handelingen uitvoeren op vier poten: wandelen, eten, tanden poetsen, slapen gaan, fietsen, voetballen, …Laat hen ook verwoorden hoe dat voelt en wat het verschil is met de gewone gang van zaken als een tweevoeter.
- Wat als onze huisdieren op twee poten liepen en twee handen hadden? Hoe zouden ze de hond uitlaten? Hoe zou de poes muizen vangen? Hoe zou het konijn een worteltje verorberen? Wat met het paard en zijn ruiter? De kleuters stellen het zich voor en proberen het uit te beelden.


Ontwikkelingsdoelen:
Kleuter: Muzische vorming - Drama 3.2
Kleuter: Nederlands - Spreken 2.6
Kleuter: Nederlands - Spreken 2.7
Kleuter: Wereldoriëntatie - Natuur (levende en niet-levende natuur) 1.4

Teken de hand van de tekenaar

Voeg, in de periode waarin je rond het boek werkt, een extra ‘touch’ toe aan je tekenopdrachten. Je kan kleuters laten proberen om hun eigen tekenende hand bij de afgewerkte plaat te tekenen, net zoals Pépé Smit dat in haar boek doet. Erg moeilijk wel, maar kleuters doen beslist een goeie poging.


Ontwikkelingsdoelen:
Kleuter: Muzische vorming - Beeld 1.4

Zonder handen

Midden in het verhaal heeft Fred een hongertje en trek in ‘patat’ (frietjes). De schrijfster vindt dat nergens op slaan, maar Fred staat erop en dus krijgt hij enkele prenten later een fraai stel handen toebedeeld. Draai deze situatie om en laat de kleuters aan den lijve ondervinden hoe het is om zonder handen, maar met pootachtige ledematen, dingen te doen. Om dat gewaar te worden kan je hun vingers zachtjes samentapen met papieren plakband, of laten werken met wanten aan. Laat hen op die manier hun jas aantrekken, hun schooltas vullen, hun drankje openen,…Als je het helemaal ‘into Fred’ wilt, kan je een frietfestijn houden en hen met hun hoefjes frieten laten eten.


Ontwikkelingsdoelen:
Kleuter: Lichamelijke opvoeding - Zelfconcept en het sociaal functioneren 3.1
Kleuter: Lichamelijke opvoeding - Zelfconcept en het sociaal functioneren 3.2
Kleuter: Lichamelijke opvoeding - Zelfconcept en het sociaal functioneren 3.3
Kleuter: Muzische vorming - Drama 3.2

En verder

Fred, the rap

Fred het eigenwijze hert woont in het grote … (bos)
Hij eet er gras en blaadjes en springt er wat op … (los)
Ik vind een bos het einde. Ik vind het bos te… (gek)
Maar Fred verveelt zich suf en springt pardoes over het … (hek)
Hij wil niet blijven in het bos, nee Fred wil naar de … (stad)
Hij ziet de stad al liggen dus ons Hert gaat fluks op … (pad)
Er lopen heel wat mensen, lopen rond van hier naar … (daar)
En als ze Fred het hert zien kijken ze bijzonder … (raar)
Fred ziet de mensen kijken en plots heeft hij een i… (idee)
“Ik loop hier op vier poten en de mensen maar op … (twee).”
Nu loopt hij op zijn achterpoten net als ieder … (een)
Tot hij bij ieder schoenen ziet en Fred die heeft er … (geen)
Dus trekt hij blauwe schoenen aan, de veters vast ge … (knoopt)
Je schoenen zijn erg mooi hoor, Fred, maar kijk toch waar je … (loopt)
Dat was wel even schrikken. Daarvan krijg je trek in … (friet)
Maar frietjes eet je met de handen. Handen heeft Fred … (niet)
Zo opgelost! Een hand of twee. Hier, Fredje, tast maar … (toe)
De friet is op en Fred zit vol. Hij gaapt want hij is … (moe)
Hij wil een lekker dutje doen maar vindt geen lekker … (plekje)
Hij mist zijn eigen bos, zijn eigen boom, zijn eigen … (stekje)
Da’s zo gepiept: het bos weer in. Hij kijkt niet meer beteuterd.
Dag Fred, het enige echte hert dat in zijn neusje … (peutert)

Tekst: Stijn De Paepe

 


Ontwikkelingsdoelen:
Kleuter: Nederlands - Spreken 2.13
Kleuter: Nederlands - Taalbeschouwing 5.5