Jeugdliteratuur.org

De engelen van Venetië

   

Korte inhoud De engelen van Venetië

De engelen van Venetië vormt het laatste deel van een historische trilogie, waartoe ook ¡Dolores! (2007) en Vuurkraal (2011) behoren. In dit derde deel staat Angelo, Meryems zoon, centraal. Niet Angelo zelf, maar stiefbroer Piotto vertelt hoe beide jongens opgroeien bij de speellieden. Als de rijke koopman Guiliano Torentino de knappe Angelo een schitterende toekomst belooft als schildersmodel en artiest bij een bekend gezelschap in Venetië, staat Angelo’s besluit vast. Piotto, ondertussen blind geworden, verneemt bij toeval de plannen van Angelo, en reist z’n stiefbroer achterna. Al snel leren beide jongens dat in Venetië echt niets is wat het lijkt…

Taalgebruik

De auteur gebruikt veel mooie beeldspraak, een stijlfiguur waarbij je iets omschrijft door het te vergelijken met iets anders. Hieronder een aantal prachtige voorbeelden hiervan:

“Angelo en ik als twee beukennootjes in dezelfde bolster” (p.13)
“Ogen als een bergmeer dat buiten zijn oevers trad” (p.69)
“Op een dag dat de zon met stofgoud strooide” (p.76)  
“Ogen die fonkelen als donkere sterren” (p.138)
“Ze koerde als een duif als Angelo haar aansprak en blies als een jaloerse kat” (p.153)

Bespreek dit taalgebruik met de juryleden:

Heb jij deze beeldspraak opgemerkt?
Wat vind je hiervan? Hoe klinkt die beeldspraak?
Stoort deze beeldspraak jou? Waarom (niet)?

lay-out

De lay-out is over het hele boek vrij uniform, behalve bij enkele passages. Meer bepaald:

Het ‘reisdagboek’ dat Piotto de Vernon bijhield tijdens zijn reis van Venetië naar Nantes (p.9-10 en p.235). De pagina’s zijn cursief gedrukt.

In het begin van het boek komen we op deze manier eigenlijk al heel wat te weten over het komende verhaal: Piotto vertelt immers dat hij terugkeert, dat hij wacht op Angelo (die niet meer komt) en dat Angelo erg veranderd is qua karakter.

Begreep jij onmiddellijk waarom deze pagina’s cursief gedrukt waren?
Vond je het fijn om vanaf het begin al zoveel over het verhaal te weten te komen? Waarom (niet)?
Hebben deze pagina’s jouw lectuur beïnvloed? Waarom (niet)?
Waarom zou de auteur dit gedaan hebben, denk je?

De afscheidsbrief die Angelo achterlaat wanneer hij vertrekt vanuit Nantes om naar Venetië te gaan en zijn dromen waar te maken (p.100-101). Het is een sierlijk lettertype dat doet denken aan een formele brief.

Wat vind jij van deze afscheidsbrief?
Denk je dat de familie van Angelo tevreden is met deze brief? Waarom (niet)?
Waarom wil Angelo weg, denk je?
Wat vind je van Angelo: egoïstisch, eigenwijs, naïef, …?

Personages en vertelstandpunt

We lezen het verhaal door de ogen van Piotto, het is dus een ik-verteller. In het begin en het einde van het boek lezen we een fragment uit zijn ‘reisdagboek’, maar de rest van het verhaal wordt gewoon verteld.

De belangrijkste personages in het boek zijn uiteraard Angelo en Piotto, twee neven die zich eigenlijk meer broers voelen. Angelo groeit op tot een echte adonis, iets waarvan hij zich heel erg bewust is, terwijl Piotto blind wordt op zijn dertiende en daardoor altijd een beetje als een kneusje wordt behandeld.

In Nantes, waar ze hun hele jeugd wonen, treden ze samen met hun familie op. Het gezelschap bestaat uit tante Meryem (Angelo’s mama), lala Jocinda (Piotto’s mama), tante Mariotte, vader (Piotto’s papa), oom Henri, Goliath de reus en Nero de dwerg.

Tijdens hun rondreizen leert Piotto Nanouche kennen, die ook wel het maanmeisje wordt genoemd. Piotto blijft steeds verliefd op haar.

De voornaamste personages in Venetië zijn Giuliano Torentino en Titiaan. Torentino is een rijkeluiszoon die ervoor zorgt dat Angelo naar Venetië kan gaan. Hij stelt hem ook voor aan het Zanonigezelschap, waar hij aan acrobatie kan doen en ook mag meespelen in een toneelstuk. Ook wordt hij geïntroduceerd bij Titiaan, die in hem een gelijke ziet van Laurenzo, een erg bekend model dat hij vaak schilderde.

Vragen over de personages:

Hoe is de relatie tussen Piotto en Angelo? Hoe evolueert die relatie? Zijn de juryleden het eens met onderstaand citaat uit een recensie:

De auteur besteedt veel aandacht aan de hoofdpersonages. De ‘wilde’, wat losgeslagen Angelo evolueert in Venetië naar een niet altijd even aangenaam personage maar die toch diep vanbinnen het moeilijk heeft om diepgaande contacten te leggen. Piotto die toen hij klein was aangetrokken maar ook afgestoten werd door Angelo, wordt in Venetië zelfstandiger, doortastender en zal uiteindelijk zijn eigen weg gaan.

(Bron: http://www.pluizuit.be/content/de-engelen-van-veneti%C3%AB)

Hoe gaat Piotto met zijn blindheid om?
Angelo vermeldt een aantal keren dat Piotto’s ouders hem liever kwijt dan rijk zijn, na de dood van zijn moeder. Wat denk jij hierover: klopt dit? Waarom (niet)?
Welke personages in Venetië vind jij (niet) sympathiek? Waarom (niet)?

Tip! De vader van Piotto is sprookspreker. Geef de KJV’ers de opdracht om samen het verhaal – in kortere versie – na te vertellen maar dan in sprookjesvorm. Je kan hen ook concretere instructies geven: focus op de gevoelens van de spelers, probeer het uiterlijk van sommige personages zo gedetailleerd mogelijk te beschrijven…

Indeling

Het boek bestaat uit twee grote delen: Verduistering en Verdeelde stad. Terwijl het eerste deel gaat over hun tijd en leven in Nantes en het vertrek naar Venetië, vertelt het tweede deel over Piotto en Angelo’s tijd in Venetië. Beide delen zijn telkens nogmaals onderverdeeld in kleinere hoofstukken, telkens van ongeveer dezelfde lengte.

Uit hoeveel delen bestaat het boek?
Wat zijn de titels van die delen? Vind je die goed gevonden? Waarom (niet)?
Wat is het belangrijkste thema in elk van deze twee delen?

titel

Naar de titel van het boek wordt twee keer verwezen: op p.158 voor het eerst (Maphio kondigde Angelo met veel tromgeroffel aan als ‘De Engel van Venetië’.) en de titel is ten slotte ook de titel van het allerlaatste hoofdstuk (p.230).

Vinden jullie de titel goed gekozen? Waarom (niet)?
Waarnaar verwijst de titel?
Waarom gaat het over ‘engelen’ en niet over ‘engel’?
Wat dacht je eerst toen je de titel las? Sprak het boek je aan? Waarom (niet)?

Citaten

Geef de lezers enkele van onderstaande citaten. Iedereen kiest één citaat dat hem/haar aanspreekt. Vraag hen om uit te leggen waarom het hen aanspreekt, wat de citaten volgens hen betekenen en waar het citaat zich in het verhaal situeert. Je kan de lezers ook op voorhand vragen om zelf citaten mee te brengen.

Moet je iets doen omdat je het kunt? Of moet je het doen omdat je het wilt? (p.16)
“Ik word helemaal niks, tante Mariotte, want ik bén al.” (p.33)
Ik ben geen pilaarbijter, ik geloof dat een mens zichzelf moet zien te redden. (p.111)
Schilders zijn net eksters, ze stelen schoonheid waar ze die kunnen vinden. (p.137)
De ouderdom knaagt aan mensenvlees, maar niet aan herinneringen. (flaptekst)

Tip! Indien je een erg grote KJV-groep hebt, kan je de citaten ook in groep bespreken of de KJV’ers even per twee of drie laten brainstormen.

Geschiedenis

Naast het verhaal over de twee broers en hun persoonlijke geschiedenis, gaat het boek ook zeker en vast over één van de belangrijkste renaissancistische kunstschilders: Titiaan. We komen te weten hoe hij bekend is geworden en van wie hij de kneepjes van het vak heeft geleerd.

Wat weet/wist jij over de schilder Titiaan?
Ken jij werken van hem? Zo ja, heb je ze al gezien? Waar?
Kennen jullie nog andere renaissancistische schilders?
Vinden jullie die schilderijen mooi?
Heb je zelf een schilder wiens werk je mooi vindt?

Tip! Neem één of meerdere foto’s van schilderijen van Titiaan mee en bespreek ze (kort): compositie, kleur, stijl, … Op die manier wordt het voor de KJV’ers concreter wat voor schilderkunst er in de Renaissance was.

Vonden jullie het interessant om via dit boek iets meer te leren over historische figuren, of geven jullie de voorkeur aan een informatief boek over de geschiedenis? Waarom (niet)?
Heb je nog extra historische informatie opgezocht omdat je er nog meer over wou te weten komen?
Vond je het historische aspect in het boek overheersend? Of was het goed gedoseerd / te weinig?
Zou je in de toekomst graag nog historische boeken lezen? Waarom (niet)?

Het boek speelt zich af in Nantes (Frankrijk: deel 1) en Venetië (Italië: deel 2), tijdens de Renaissance (p.9: 20 mei 1518). De Renaissance is de periode na de Middeleeuwen en ontstond in Italië: daar geloofde men dat deze periode een ‘wedergeboorte’ was van de Klassieke Oudheid. We lezen over de opvattingen van de schilderkunst en de gangbare composities.

Wat weet/wist jij over de Renaissance?
Wat betekent het woord “renaissance”?
Heb je een duidelijker beeld van deze tijdsperiode na het lezen van dit boek?
Kan de auteur de tijdsgeest goed overbrengen? Zijn de juryleden het eens met onderstaand citaat uit een recensie:

Omdat Piotto blind is, ‘zie’ je de sloppen, steegjes, grachten en kanalen niet, maar ruik, voel, hoor en proef je ze. Noëlla Elpers prikkelt de zintuigen van haar lezers.

(Bron: http://www.leesfeest.nl/boek/de-engelen-van-veneti%C3%AB)

Nog enkele historische gebeurtenissen die in het boek voorkomen:

de zwarte dood / de pest: p.26 (In dat kletsnatte najaar van 1510 overrompelde de ziekte ons nog voor het gerucht de ronde begon te doen: de zwarte dood had de stad bereikt!);
het verhaal van Johanna van Bourgondië: p.60 – 61 (‘Vandaag vertel ik jullie de tragische geschiedenis van hertogin Johanna van Bourgondië!’ zei hij plechtig).
de courtisanes in Venetië: p.133 (‘Wat is een courtisane?’ vroeg ik. ‘Een vrouw die haar gezelschap te koop aanbiedt, en soms ook haar lichaam. Van dat soort vrouwen zijn er duizenden in Venetië’).

Verder lezen

Wie dit boek graag gelezen heeft en nog meer van Elpers wil ontdekken, kan ¡Dolores! en Vuurkraal lezen. Deze boeken sluiten mooi aan op het gelezen boek.